<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<rss version="2.0"
	xmlns:content="http://purl.org/rss/1.0/modules/content/"
	xmlns:wfw="http://wellformedweb.org/CommentAPI/"
	xmlns:dc="http://purl.org/dc/elements/1.1/"
	xmlns:atom="http://www.w3.org/2005/Atom"
	xmlns:sy="http://purl.org/rss/1.0/modules/syndication/"
	xmlns:slash="http://purl.org/rss/1.0/modules/slash/"
	xmlns:georss="http://www.georss.org/georss" xmlns:geo="http://www.w3.org/2003/01/geo/wgs84_pos#" xmlns:media="http://search.yahoo.com/mrss/"
	>

<channel>
	<title>Jan Greven</title>
	<atom:link href="http://jangreven.nl/feed/" rel="self" type="application/rss+xml" />
	<link>http://jangreven.nl</link>
	<description></description>
	<lastBuildDate>Sat, 18 May 2013 08:26:04 +0000</lastBuildDate>
	<language>en</language>
	<sy:updatePeriod>hourly</sy:updatePeriod>
	<sy:updateFrequency>1</sy:updateFrequency>
	<generator>http://wordpress.com/</generator>
<cloud domain='jangreven.nl' port='80' path='/?rsscloud=notify' registerProcedure='' protocol='http-post' />
<image>
		<url>http://s2.wp.com/i/buttonw-com.png</url>
		<title>Jan Greven</title>
		<link>http://jangreven.nl</link>
	</image>
	<atom:link rel="search" type="application/opensearchdescription+xml" href="http://jangreven.nl/osd.xml" title="Jan Greven" />
	<atom:link rel='hub' href='http://jangreven.nl/?pushpress=hub'/>
		<item>
		<title>Het verdriet van Wotan</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/05/18/het-verdriet-van-wotan-3/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/05/18/het-verdriet-van-wotan-3/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 18 May 2013 08:26:04 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/?p=175554347</guid>
		<description><![CDATA[Aan het einde van Richard Wagners opera Die Walküre wordt het me toch nog te machtig. Oppergod Wotan heeft zo juist zijn lievelingsdochter, de Walkure Brünnhilde, uit de hemel verstoten. Zijn afscheidslied gaat me door merg en been:  “Je lichtende, stralende ogen, zo vaak lachten ze me toe, zo vaak bemoedigden ze mij, nu kus [&#8230;]<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554347&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><a href="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/05/het-verdriet-van-wotan1.jpg"><img class="alignnone size-full wp-image-175554346" alt="Het verdriet van Wotan" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/05/het-verdriet-van-wotan1.jpg?w=960"   /></a></p>
<p>Aan het einde van Richard Wagners opera Die Walküre wordt het me toch nog te machtig. Oppergod Wotan heeft zo juist zijn lievelingsdochter, de Walkure Brünnhilde, uit de hemel verstoten. Zijn afscheidslied gaat me door merg en been:  “Je lichtende, stralende ogen, zo vaak lachten ze me toe, zo vaak bemoedigden ze mij, nu kus ik ze voor het laatst, vaarwel, voorgoed vaarwel.”</p>
<p>Tranen over mijn wangen. Verlies maakt gebondenheid voelbaar en omgekeerd. “Onzalige Eeuwige, eeuwig Onzalige, eeuwig leven met gemis, “ zingt Wotan en al ben ik niet eeuwig, ik weet precies wat hij bedoelt.</p>
<p>Leven met gemis, hoe doen anderen dat? Ik lees en praat er veel over. Ik heb nog veel te leren.  Ada de Jong verloor haar gezin, echtgenoot en drie kinderen, door een klimongeluk in de bergen. Een onvoorstelbare ramp. Een van de boeken die ze las in haar zoektocht naar houvast was <i>Overlevingskunst</i> van Christa Anbeek<i> </i>(zie elders op deze site). Ook Christa Anbeek leed kolossaal verlies. Ze verloor op jonge leeftijd ouders en broer. Haar partner, en grote liefde, overleed aan een hartaanval tijdens een bergwandeling. De Jong besloot contact met Anbeek te zoeken.</p>
<p>Uit dat contact ontstond het idee samen een boek over hun ervaringen te schrijven. Ze noemen het een ‘persoonlijk essay’ omdat ze als uitganspunt hun persoonlijke ervaringen namen die ze bovendien door elkaar gezet hebben. De lezer mag zelf uitmaken wie aan het woord is. Met als idee daarachter dat wij, als het gaat om verlies en kwetsbaarheid, veel meer op elkaar lijken dan we denken. Mijn conclusie, ook na dit boek, is anders. Natuurlijk, “de problematiek van verlies” is het zelfde voor iedereen – daarom word ik ontroerd als Wotan zingt over het verlies van zijn dochter. Maar de manier waarop we er op reageren is voor ieder anders. Ook tussen Anbeek en De Jong zijn de verschillen groot. Al lezend hoef je je nooit af te vragen wie er aan het woord is. Rouwen is zoeken naar een nieuwe identiteit. Dat is wat rouwenden bindt. Maar hoe die nieuwe identiteit er uit ziet en of het überhaupt lukt er één te smeden, verschilt van individu tot individu. Dat geldt ook van Anbeek en De Jong. Daardoor is het een nogal dubbelsoortig boek geworden.</p>
<p>Christa Anbeek is de onderzoeker. Ze bevraagt filosofen als Spinoza, gaat te rade bij collega theologen en psychologen, speurt in de christelijke en boeddhistische traditie en kijkt wat er voor haar uiteindelijk aan wijsheid op de zeef blijft liggen. Onderzoeken is haar vak. Ze is verbonden aan de Universiteit voor Humanistiek en onderzoekt daar de relatie tussen religie/levensbeschouwing en zingevingsvragen. Maar het is ook meer dan haar vak. Het is ook haar manier om in het leven te staan en om te gaan met rouw. Meer zoekend, dan vindend.</p>
<p>Ada de Jong is veel praktischer. Ze beschrijft wat ze bijleerde en afleerde om verder te gaan met haar leven. Concreet, eerlijk. Indrukwekkend. Hartverscheurend.</p>
<p>Anbeek zoekt een habitus om met rouw om te gaan. De Jong beschrijft praktisch wat ze doet. En nalaat.</p>
<p>Om te kunnen zeggen wat het sterven van een dierbare voor ons betekent, moeten we onder woorden brengen wie we in relatie tot hem of haar waren. Onze identiteit was (mede) in hem/haar verankerd. Wie worden we als ze er niet meer zijn?</p>
<p>De Jong schrijft dat ze bestond in relatie tot haar omgeving, haar man, haar kinderen. Nu die er niet meer zijn, is haar oude zelf ook weg. Wie ze nu is, weet ze nog steeds niet goed. Of dat echt goed gaat komen, betwijfelt ze. Haar ontworteling is zo diep, dat ze niet meer aarden kan. Haar echte leven, concludeert ze aan het einde van het boek, is voorbij.</p>
<p>Christa Anbeek lijkt daar anders tegen aan te kijken, al weet ik op dit punt niet goed of wat ik lees haar eigen woorden zijn of de woorden van de Amerikaanse filosoof Judith Butler, die helaas berucht is vanwege haar ondoorzichtig taalgebruik. Relaties, lees ik, maken ons niet alleen tot wie we zijn, ze onteigenen ons ook doordat ze aanpassingen van ons eisen waardoor we onszelf juist niet kunnen zijn. Zo autonoom zijn we niet. Na de dood van een geliefde blijven we achter met een onteigend leven dat onomkeerbaar niet van ons zelf is. Rouw, aldus Butler/Anbeek, doorbreekt het zelfbewuste beeld dat we van onszelf in stand houden. We kunnen ons best wel doen een nieuwe autonomie te vinden. Het zal ons niet lukken. Autonoom waren we vroeger niet en zullen we nooit worden. Meer dan volharden in het eigen, per definitie onteigende bestaan zit er niet in. Hoe dat volharden moet, leert Anbeek van Spinoza, die van <i>flinckheid</i> spreekt. Een <i>flinck</i> mens is in staat zich te verhouden tot zichzelf en tot anderen en zo te volharden. Meer als stuurman van zichzelf dan van binnenuit.</p>
<p>Ada de Jong is alles uit handen geslagen. Voetje voor voetje gaat ze verder. Zonder zekerheid dat het nog gaat lukken zichzelf te herformuleren. De schade is te groot.</p>
<p>Toch is haar voetje voor voetje anders dan Anbeeks stap voor stap. De Jongs twijfel of het nog goed gaat komen is existentieel. Anbeeks twijfel is filosofisch: rouw onthult dat we een onteigend leven leidden dat onomkeerbaar niet van ons zelf is. Daar moeten we het mee doen.</p>
<p>Misschien is dat wel zo. Maar ik heb er niks aan. Het is juist dat de dood me bepaald heeft bij mijn gebondenheid, bij mijn onteigend leven – waarom huilde ik anders bij Wotans lied? Maar ik wil verder. Naar een nieuwe autonomie. Misschien haal ik het niet – ik herken de twijfel van Ada de Jong, al heeft zij veel en veel meer reden voor twijfel dan ik. Maar ik heb zin noch moed de dood het laatste woord te geven.</p>
<p><i>Christa Anbeek en Ada de Jong, De berg van de ziel. Persoonlijk essay over kwetsbaar leven.</i></p>
<p><i>Uitgeverij ten Have. € 17,95</i></p>
<p>Aan het einde van Richard Wagners opera Die Walküre wordt het me toch nog te machtig. Oppergod Wotan heeft zo juist zijn lievelingsdochter, de Walkure Brünnhilde, uit de hemel verstoten. Zijn afscheidslied gaat me door merg en been:  “Je lichtende, stralende ogen, zo vaak lachten ze me toe, zo vaak bemoedigden ze mij, nu kus ik ze voor het laatst, vaarwel, voorgoed vaarwel.”</p>
<p>Tranen over mijn wangen. Verlies maakt gebondenheid voelbaar en omgekeerd. “Onzalige Eeuwige, eeuwig Onzalige, eeuwig leven met gemis, “ zingt Wotan en al ben ik niet eeuwig, ik weet precies wat hij bedoelt.</p>
<p>Leven met gemis, hoe doen anderen dat? Ik lees en praat er veel over. Ik heb nog veel te leren.  Ada de Jong verloor haar gezin, echtgenoot en drie kinderen, door een klimongeluk in de bergen. Een onvoorstelbare ramp. Een van de boeken die ze las in haar zoektocht naar houvast was <i>Overlevingskunst</i> van Christa Anbeek<i> </i>(zie elders op deze site). Ook Christa Anbeek leed kolossaal verlies. Ze verloor op jonge leeftijd ouders en broer. Haar partner, en grote liefde, overleed aan een hartaanval tijdens een bergwandeling. De Jong besloot contact met Anbeek te zoeken.</p>
<p>Uit dat contact ontstond het idee samen een boek over hun ervaringen te schrijven. Ze noemen het een ‘persoonlijk essay’ omdat ze als uitganspunt hun persoonlijke ervaringen namen die ze bovendien door elkaar gezet hebben. De lezer mag zelf uitmaken wie aan het woord is. Met als idee daarachter dat wij, als het gaat om verlies en kwetsbaarheid, veel meer op elkaar lijken dan we denken. Mijn conclusie, ook na dit boek, is anders. Natuurlijk, “de problematiek van verlies” is het zelfde voor iedereen – daarom word ik ontroerd als Wotan zingt over het verlies van zijn dochter. Maar de manier waarop we er op reageren is voor ieder anders. Ook tussen Anbeek en De Jong zijn de verschillen groot. Al lezend hoef je je nooit af te vragen wie er aan het woord is. Rouwen is zoeken naar een nieuwe identiteit. Dat is wat rouwenden bindt. Maar hoe die nieuwe identiteit er uit ziet en of het überhaupt lukt er één te smeden, verschilt van individu tot individu. Dat geldt ook van Anbeek en De Jong. Daardoor is het een nogal dubbelsoortig boek geworden.</p>
<p>Christa Anbeek is de onderzoeker. Ze bevraagt filosofen als Spinoza, gaat te rade bij collega theologen en psychologen, speurt in de christelijke en boeddhistische traditie en kijkt wat er voor haar uiteindelijk aan wijsheid op de zeef blijft liggen. Onderzoeken is haar vak. Ze is verbonden aan de Universiteit voor Humanistiek en onderzoekt daar de relatie tussen religie/levensbeschouwing en zingevingsvragen. Maar het is ook meer dan haar vak. Het is ook haar manier om in het leven te staan en om te gaan met rouw. Meer zoekend, dan vindend.</p>
<p>Ada de Jong is veel praktischer. Ze beschrijft wat ze bijleerde en afleerde om verder te gaan met haar leven. Concreet, eerlijk. Indrukwekkend. Hartverscheurend.</p>
<p>Anbeek zoekt een habitus om met rouw om te gaan. De Jong beschrijft praktisch wat ze doet. En nalaat.</p>
<p>Om te kunnen zeggen wat het sterven van een dierbare voor ons betekent, moeten we onder woorden brengen wie we in relatie tot hem of haar waren. Onze identiteit was (mede) in hem/haar verankerd. Wie worden we als ze er niet meer zijn?</p>
<p>De Jong schrijft dat ze bestond in relatie tot haar omgeving, haar man, haar kinderen. Nu die er niet meer zijn, is haar oude zelf ook weg. Wie ze nu is, weet ze nog steeds niet goed. Of dat echt goed gaat komen, betwijfelt ze. Haar ontworteling is zo diep, dat ze niet meer aarden kan. Haar echte leven, concludeert ze aan het einde van het boek, is voorbij.</p>
<p>Christa Anbeek lijkt daar anders tegen aan te kijken, al weet ik op dit punt niet goed of wat ik lees haar eigen woorden zijn of de woorden van de Amerikaanse filosoof Judith Butler, die helaas berucht is vanwege haar ondoorzichtig taalgebruik. Relaties, lees ik, maken ons niet alleen tot wie we zijn, ze onteigenen ons ook doordat ze aanpassingen van ons eisen waardoor we onszelf juist niet kunnen zijn. Zo autonoom zijn we niet. Na de dood van een geliefde blijven we achter met een onteigend leven dat onomkeerbaar niet van ons zelf is. Rouw, aldus Butler/Anbeek, doorbreekt het zelfbewuste beeld dat we van onszelf in stand houden. We kunnen ons best wel doen een nieuwe autonomie te vinden. Het zal ons niet lukken. Autonoom waren we vroeger niet en zullen we nooit worden. Meer dan volharden in het eigen, per definitie onteigende bestaan zit er niet in. Hoe dat volharden moet, leert Anbeek van Spinoza, die van <i>flinckheid</i> spreekt. Een <i>flinck</i> mens is in staat zich te verhouden tot zichzelf en tot anderen en zo te volharden. Meer als stuurman van zichzelf dan van binnenuit.</p>
<p>Ada de Jong is alles uit handen geslagen. Voetje voor voetje gaat ze verder. Zonder zekerheid dat het nog gaat lukken zichzelf te herformuleren. De schade is te groot.</p>
<p>Toch is haar voetje voor voetje anders dan Anbeeks stap voor stap. De Jongs twijfel of het nog goed gaat komen is existentieel. Anbeeks twijfel is filosofisch: rouw onthult dat we een onteigend leven leidden dat onomkeerbaar niet van ons zelf is. Daar moeten we het mee doen.</p>
<p>Misschien is dat wel zo. Maar ik heb er niks aan. Het is juist dat de dood me bepaald heeft bij mijn gebondenheid, bij mijn onteigend leven – waarom huilde ik anders bij Wotans lied? Maar ik wil verder. Naar een nieuwe autonomie. Misschien haal ik het niet – ik herken de twijfel van Ada de Jong, al heeft zij veel en veel meer reden voor twijfel dan ik. Maar ik heb zin noch moed de dood het laatste woord te geven.</p>
<p><i>Christa Anbeek en Ada de Jong, De berg van de ziel. Persoonlijk essay over kwetsbaar leven.</i></p>
<p><i>Uitgeverij ten Have. € 17,95</i></p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554347&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/05/18/het-verdriet-van-wotan-3/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/05/het-verdriet-van-wotan1.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Het verdriet van Wotan</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Wie verlangt er naar ontroostbaarheid?</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/04/29/wie-verlangt-er-naar-ontroostbaarheid/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/04/29/wie-verlangt-er-naar-ontroostbaarheid/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 29 Apr 2013 21:17:39 +0000</pubDate>
		<dc:creator>geneticallyalteredmastermind</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.wordpress.com/2013/04/29/wie-verlangt-er-naar-ontroostbaarheid/</guid>
		<description><![CDATA[  In haar boek De schilder en zijn model beschrijft Patricia De Martelaere de gepassioneerde verhouding van een vrouw met twee mannen die met een tussenpoos na elkaar in haar leven komen. Zo zeer hecht ze zich aan hen dat ze hen als onvervangbaar beschouwt. Onvervangbaar? Twee keer achter elkaar onvervangbaar? Dat kan toch niet! Je kunt [&#8230;]<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554329&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<h2 id="posttitle_176433087"><img alt="Wie_verlangt_er_naar_ontroostbaarheid" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/0dff5-wie_verlangt_er_naar_ontroostbaarheid-scaled500.jpg?w=204&#038;h=325" width="204" height="325" /></h2>
<div>
<p> </p>
<p>In haar boek<em> De schilder en zijn model </em>beschrijft Patricia De Martelaere de gepassioneerde verhouding van een vrouw met twee mannen die met een tussenpoos na elkaar in haar leven komen. Zo zeer hecht ze zich aan hen dat ze hen als onvervangbaar beschouwt. Onvervangbaar? Twee keer achter elkaar onvervangbaar? Dat kan toch niet! Je kunt denken dat iemand onvervangbaar is. Tot je een ander ontmoet die datzelfde gevoel van onvervangbaarheid bij je oproept. Op dat moment is de eerste onvervangbare per definitie niet onvervangbaar meer. Hij is namelijk vervangen. Zo voelt de protagoniste van<em> De schilder en zijn model </em>dat ook. Ze heeft het er moeilijk mee, dat er na de eerste, nog een tweede man in haar leven kwam. Met dezelfde impact. Ze vindt dat onaanvaardbaar. Het maakt haar onzeker over haar eerste ‘echte’ liefde. Ze wordt er woedend over. Woedend op zichzelf. </p>
<p>Het ‘hele drama’ schreef De Martelaere later in een toelichting, is dat de twee mannen voor de vrouw achtereenvolgens de onvervangbare functie van God vervullen. “De opeenvolging van twee Goden maakt het absolute compleet ridicuul.” </p>
<p>Gelukkig liep dat bij het klassieke liefdespaar Romeo en Julia nog anders. Julia stak zich met een dolk door het hart toen ze zag dat Romeo zich van het leven had beroofd. Goed zo! Stel je de afschuwelijke situatie voor dat ze dat niet gedaan had. Dat ze na een periode van intens verdriet uiteindelijk overeind was gekrabbeld en – het leven gaat door &#8211; op een ander was gevallen. Even gepassioneerd. Even absoluut – dat zat nou eenmaal in haar aard.  Zou dat niet zijn om te sterven van verdriet? “En dan niet om het verlies van Romeo, maar om zijn vervangbaarheid en dus om het verlies van God.”, schrijft De Martelaere. Geliefde, onvervangbaarheid, God, het absolute. Ze liggen in elkaars verlengde. </p>
<p>In de boeken van De Martelaere speelt vervangbaarheid een belangrijke rol.  Onvervangbaarheid is het ideaal. Vervangbaarheid de realiteit, al willen de minnenden en beminden in haar boeken daar niet aan. Keer op keer werpen zij zich met een absolutistisch verlangen in een liefdesrelatie. Steeds weer blijkt herhaalbaar wat zij als uniek hebben beschouwd. </p>
<p>Unieke relaties, unieke eenmalige overgave, gaan hun macht te boven. Vroeger was dat anders. Vroeger geloofde men in overgave die zowel uniek als onvervulbaar was. De Martelaere noemt Teresa van Avila. Ze leefde in mystieke vroomheid. Absoluut gericht op God. In een onvervulbare liefde. Onze tijd gelooft niet meer in onvervulbare liefde. De verlangens van onze tijd zijn binnenwerelds, relatief en vervulbaar. Andere smaken zijn er niet. Teresa’s gerichtheid op de Heer wordt achteraf weg verklaard als gesublimeerde seksualiteit. Niet uniek, ook niet onvervulbaar. </p>
<p>Over haar roman<em> De schilder en zijn model</em>, schreef De Martelaere dat de roman gaat over “Jeanne d’Arc, die staat te razen en te tieren, niet omdat ze wordt verbrand , maar omdat het vuur is uitgegaan.” </p>
<p>Marja Pruis, schrijver en recensent van De Groene Amsterdammer,  schreef een boek over Patricia de Martelaere. Een bijzonder boek. Het heeft iets van een biografie, maar ook van een journalistieke speurtocht. Een speurtocht zowel naar De Martelaere ’s privé bestaan als naar haar denkbeelden. Beide zijn niet eenvoudig. Zoekend en tastend vindt Pruis haar weg. Toen ze het bovenstaande citaat over Jeanne d’Arc las, begon haar iets te dagen. In 1993 schreef De Martelaere een essay over Het verlangen naar ontroostbaarheid . Aanvankelijk dacht Pruis dat het een essay was over rouwen. Over verlangen om te blijven in verdriet, zich niet te laten troosten, om daardoor degene om wie getreurd wordt niet kwijt te raken, onvervangbaar te houden. Uniek. Zoals Romeo voor Julia. </p>
<p>In 1995 verdwijnt de echtgenoot van De Martelaere. Waarschijnlijk pleegde hij zelfmoord door tijdens een oversteek naar Engeland van de veerboot in zee te springen. Zijn lichaam is nooit gevonden. Al bij de eerste ontmoeting tussen hem en Patricia had hij over zelfmoord gesproken. Vier jaar na zijn dood blikt De Martelaere  in een interview terug op haar essay uit 1993. Ze vertelt dat zij na het verdwijnen van haar man grote sociale druk ervaren heeft om te rouwen. Om ontroostbaar te blijven. Ze verzette zich daar tegen. “Ik denk”, zegt ze, “dat Freuds diagnose juist is dat ongelukkige mensen eigenlijk niet willen veranderen, maar houvast beleven aan hun ongeluk. ….Als je je laat troosten stem je in met verandering.” Ze vindt het een ‘volkomen onlogische gedachte’ dat je door je ontroostbaarheid moet bewijzen dat iemand iets voor je heeft betekend. Je moet, zegt ze, van je verdriet geen gebruik maken op een moment waarop het in het leven wat minder gaat. </p>
<p>Uit wat De Martelaere in dat interview zegt over haar essay, maakt Pruis op dat Het verlangen naar ontroostbaarheid niet over rouwen gaat, zoals zij eerst meende, maar over obsessieve verliefdheid. De obsessief verliefde vrouw uit<em> De schilder en zijn model </em>beschouwt de mannen op wie zij verliefd is als onvervangbaar. Zij is ontroostbaar omdat zij uit haar leven zijn verdwenen. Zo onvervangbaar als haar mannen waren, zo onvervangbaar was vroeger God. Maar dat is voorbij. Niets, niemand is onvervangbaar. Voor alles is troost. We lazen het hierboven: mystiek is gesublimeerde seksualiteit. Het vuur van Jeanne d’Arc is uit. ‘Er daagt iets bij me’, schrijft Pruis: het essay zou wel eens geschreven kunnen zijn door iemand die èn rouwt èn obsessief verliefd is: “iemand die zich er nooit mee verzoend heeft dat God niet zou bestaan, dat de oorspronkelijke liefde voor hem onherhaalbaar is of zou moeten zijn.”.</p>
<p>Kenmerkend voor het leven, stelt De Martelaere in een van haar essays, is verlangen. Ze onderscheidt twee soorten van verlangens. Een klein verlangen dat streeft naar kleine vervulling en van het een hupt naar het ander. En een groot verlangen dat als een motor achter al die kleine verlangens zit. Maar of het nu het kleine verlangen is of het grote, alle verlangens willen uiteindelijk hetzelfde: het bereiken van vervulling en daarmee het einde van het verlangen. Het einde van de onrust. Na een gestild verlangen is het even windstil. Een stilte die je trouwens ook bereiken kunt door alle verlangen uit te bannen. Door helemaal niks te doen. Waarom zou je je inspannen voor een verlangen als het resultaat van je inspanning uiteindelijk op hetzelfde neer komt als wanneer je nergens aan begonnen was: stilstand, rust. En uiteindelijk de dood. </p>
<p>Via de omweg van het leven zijn we onderweg naar de dood. Kinderen, stelt De Martelaere moet je leren die omweg te willen maken. Je moet ze er zelfs enthousiast voor maken, ze leren op pad te gaan voor vervulling, vernieuwing na te streven, de onzekerheid tegemoet. In plaats van zich vast te klampen aan houvast. </p>
<p>Maar wie dat niet meer wil, kan kiezen voor een verlangenloos bestaan. Daarmee wapent hij zich tegen verlies. Wat je niet meer wilt, kun je ook niet meer verliezen. Wie ontroostbaar wil blijven, weet dat. Wat hij verloor is onvervangbaar. Hij legt zich daar bij neer en wapent zich op die manier tegen nieuw verlies. De plek van de beminde blijft leeg. Eens verloren, altijd verloren, maar, gelukkig, niet opnieuw verloren. </p>
<p>En toch. Tegen beter weten in, is er steeds weer de liefde. Het verlangen. En onvermijdelijk, opnieuw het verlies en het verdriet om het verlies.  </p>
<p>Maar als alles verloren kan gaan, is er dan niets dat blijft? In haar zoektocht naar ‘wat blijft’ komt De Martelaere uit op Wittgenstein. Volgens Wittgenstein bestaat er iets als ‘het onuitsprekelijke’ dat voor ons belangrijker is dan de dingen die we wel kunnen zeggen. ‘Wat blijft’ bestaat, dat is het goede nieuws. Alleen kunnen we niet zeggen wat het is.   </p>
<p>De Martelaere gaat een stap verder en probeert via het boeddhisme het onuitsprekelijke van Wittgenstein in te vullen. Dat gaat zo. Er is onderscheid tussen ‘wat blijft’  en wat is. Kijk om je heen: alles wat bestaat, alles wat is, verandert, veroudert, verkleurt, wordt anders. Zijn is worden. ‘Wat blijft’ daarentegen verandert niet en hoort daarom niet tot de categorie van het Zijn.  ‘Wat blijft’ hoort bij eeuwigheid, niet bij tijdelijkheid. </p>
<p>Nu kun je twee dingen doen. Je kunt zoals de christelijke theologie dat doet tegenover het altijd veranderende Zijn God plaatsen als het hoogste, eeuwig onveranderlijke zijn (wel een Zijn maar een heel ander Zijn dan ons zijn – en vraag me niet dat nu verder uit te leggen) , waarin we uiteindelijk, moegestreden van al onze verlangens om te worden wie we nog niet zijn, kunnen rusten.   </p>
<p>Je kunt ook met het boeddhisme zeggen dat ‘wat blijft’ niet het hoogste zijn is, maar juist het tegendeel: het niet-zijn, het Niets. Die laatste weg kiest de Martelaere. We beschouwen, zegt zij, wat is als waar het leven om draait. Ten onrechte. Het leven draait om het Niets. We komen op uit het Niets en verzinken in het Niets. Het Niets is onze thuishaven. Het is juist het iets dat ons daarvan weg houdt. Leven is leren verliezen, leren loslaten. Leren streven naar het einde van de hartstocht voor iets. Leven uit hartstocht voor het Niets. </p>
<p>De Martelaere, schrijft Pruis, was een groot bewonderaar van de Japanse schrijver Yasunari Kawabata, die in 1968 als eerste Japanner de Nobelprijs voor de Literatuur kreeg. In een van zijn boeken beschrijft Kawabata een verhouding tussen een getrouwde man en een geisha, die hij van tijd tot tijd opzoekt ergens in de bergen. Als de man vertrekt, zegt zijn minnares: “Als je weg bent, zal ik ingetogen leven.” Ingetogen. De zin zette zich in het hoofd van Marja Pruis en dat begrijp ik goed. Ingetogen is wat anders dan ‘na een tijdje is er weer een ander’. Wie ingetogen leeft, schreeuwt het verdriet niet van de daken, maar bewaakt het als een kostbare schat. Voor Pruis is het een metafoor voor verlangen naar ontroostbaarheid. </p>
<p>Ik weet het niet zeker, maar ik heb de indruk dat Pruis met meer enthousiasme aan haar studie over De Martelaere begon dan ze er mee eindigde. De Martelaere lijkt haar steeds opnieuw te ontsnappen. Geleidelijk aan raakt ze meer gebiologeerd door de persoon dan door de denkbeelden. Terwijl ze aan de andere kant, en terecht, keer op keer onderstreept dat de Martelaere juist een strikte scheiding wilde tussen wie ze privé was en haar romanpersonen. </p>
<p>Vooral met haar boeddhistische ideeën heeft Pruis moeite. Een zin als:<em> Het Alles is het Niets</em> vindt ze net zo iets als van een zwarte deur zeggen dat deze voortaan een witte deur is. Meer een kwestie van woorden – maar wat schiet je er mee op wanneer je dezelfde dingen anders benoemt? “In het boeddhisme”, schrijft ze, “lijkt De Martelaere iets gevonden te hebben wat haar verlies van het godsbesef goedmaakt. Alleen ik kan niet reproduceren wat het is….”</p>
<p>De Martelaere leed aan het verlies van uniciteit dat de mens is overkomen na de dood van God. Het verlangen naar ontroostbaarheid is daardoor ook heimwee naar God. Haar ontroostbaarheid lijkt een kwestie van keus. Je kunt er voor kiezen ontroostbaar te blijven. Is het altijd een keus? Soms zijn mensen absoluut onvervangbaar. Voor de één een man, voor de ander een vrouw, voor een derde een kind. </p>
<p>De Martelaere ’s romanpersonen weigeren zich ontroostbaar te voelen, verliezen zich steeds weer in relaties, krijgen steeds weer een klap op de kop. Het zijn zwemmers op zoek naar vaste grond, naar ‘wat blijft’. Met als uiteindelijke wijsheid dat je je niet moet verzetten tegen de stroom om maar vaste grond te vinden. Aan de stroom moet je je overgeven, als aan het grote Niets. </p>
<p>Ik wil ontroostbaar blijven. Maar daar niet in blijven steken. Ik wil verder gaan. In vertrouwen. Zoals Teresa van Avila. Op zoek naar het licht. Hoe het zal zijn in dat licht, weet ik niet. Alleen dat ik beweeg. Ontroostbaar, maar richting het licht. Dat lijkt mij de kern van Pasen. </p>
<p> </p>
<p><em>Marja Pruis, Als je weg bent. Over Patricia de Martelaere.</em></p>
<p><em>Uitgeverij Prometheus € 19,95</em></p>
</div>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554329&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/04/29/wie-verlangt-er-naar-ontroostbaarheid/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://2.gravatar.com/avatar/bf0e20eadddc111c3c9ef14c0c996896?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">geneticallyalteredmastermind</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/0dff5-wie_verlangt_er_naar_ontroostbaarheid-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Wie_verlangt_er_naar_ontroostbaarheid</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>De EO maakt het verschil</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/04/29/de-eo-maakt-het-verschil/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/04/29/de-eo-maakt-het-verschil/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 29 Apr 2013 21:15:34 +0000</pubDate>
		<dc:creator>geneticallyalteredmastermind</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.wordpress.com/?p=175554324</guid>
		<description><![CDATA[&#160; Eind jaren zeventig van de vorige eeuw begeleidde ik uit hoofde van mijn toenmalige functie bij de IKON een televisiekerkdienst  van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt (GKV) van Bunschoten Oost. In de consistorie trof ik de kerkenraad met alle ouderlingen in zo’n zwart pak, dat je in die tijd alleen nog bij obers zag: gestreepte [&#8230;]<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554324&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><img alt="Dekkervrijmaking-1" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/a964c-dekkervrijmaking-1-scaled500.jpg?w=218&#038;h=346" width="218" height="346" /></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Eind jaren zeventig van de vorige eeuw begeleidde ik uit hoofde van mijn toenmalige functie bij de IKON een televisiekerkdienst  van de Gereformeerde Kerk Vrijgemaakt (GKV) van Bunschoten Oost. In de consistorie trof ik de kerkenraad met alle ouderlingen in zo’n zwart pak, dat je in die tijd alleen nog bij obers zag: gestreepte zwarte pantalon, zwart jasje, wit overhemd, grijze das. De diakenen idem dito op één na. In een scheerwollen donkerblauw pak sprong één er uit. Een zakenman, zo te zien. Ineens was ik terug in de kerk van mijn jeugd. Dertig jaar eerder. Ik zag de ouderlingen weer zitten. Allemaal in het zwart. Tegenover de diakenen. Ook zwart, maar met hier en daar iets alternatiefs. Iets blauws. Heel voorzichtig. Als de olijftak van de duif: voorbode van een nieuwe tijd.</p>
<p>&nbsp;</p>
<div><a href="http://jangreven.nl/de-eo-maakt-het-verschil#"><img id="mainImage" alt="" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/606a5-dekkervrijmaking-2-scaled500.jpg?w=500&#038;h=359" width="500" height="359" /></a></div>
<p>&nbsp;</p>
<p><em>De kerkenraad in zwart pak </em></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>De dresscode van Bunschoten Oost zal intussen wel veranderd zijn. En niet alleen de dresscode. Dertig jaar geleden werkten de vrijgemaakten aan een eigen ‘Proefbundel’ van psalmen en gezangen. Het Liedboek van de Kerken beschouwden ze als ‘een bundel van de valse oecumene’ . Nu doen ze mee aan Het Nieuwe Liedboek. Toen waren ze tegen kindernevendiensten. Kinderen hoorden in de eredienst. Nu zijn overal nevendiensten. Op zondag volgden alle kerken dezelfde liturgie. Nu zijn er plaatselijk grote verschillen.</p>
<p>Elk jaar legt een Jaarboekje vast wat er in de GKV gebeurt. Godsdienstsocioloog Gerard Dekker pluisde veertig van die Jaarboekjes, van 1970 tot 2010, uit. Op zoek naar veranderingen. Met als vraagstelling: zie je bij de vrijgemaakten, dertig jaar later, dezelfde veranderingen als bij de synodaal gereformeerden van wie ze zich in 1944 afscheidden? Zijn conclusie: ja, de parallellen zijn zo opvallend dat je van een zelfde ontwikkeling kunt spreken.</p>
<p>Neem het Gereformeerd Politiek Verbond, de politieke partij van de vrijgemaakten. Opgegaan in de ChristenUnie, zoals de gereformeerde Anti Revolutionaire Partij opging in het CDA. Of hun krant, het Nederlands Dagblad. Het gereformeerde Trouw stelde zich in de jaren zestig van de vorige eeuw open voor niet-gereformeerden. Het Nederlands Dagblad noemde zich vanaf 1993 ‘christelijk betrokken’ in plaats van ‘Gereformeerde krant van christelijk Nederland’ . ‘Synodale’  vrouwen kregen in 1965 kerkelijk stemrecht, vrijgemaakte vrouwen in 1993. Voor de synodalen was 1975 de top. Sindsdien daalt het ledental. Bij de vrijgemaakten kwam de top in 2005. Vanaf dat jaar daalt het ook bij hen. Allemaal dertig jaar later.</p>
<p>De vrijgemaakten, zo bleek bij de presentatie van zijn boek in hun Kampense Theologische Universiteit, waren niet blij met Dekkers bevindingen. Logisch. De ‘synodalen’ hebben zij altijd als afschrikwekkend voorbeeld beschouwd. Vooral hun rapport ‘God met ons’ uit 1980 dat afstand nam van het letterlijk Schriftgezag, zagen ze als een dieptepunt. Nooit te beroerd voor hoge woorden zagen zij in hun eigen kerken God zelf aan het werk. En nu zou bij hen dezelfde verdamping  plaats vinden?</p>
<p>Helaas, Dekkers parallellen zijn te opvallend voor toeval. De ontwikkelingen lijken sprekend op elkaar. Toch bleef ik op één punt haken. Vrijgemaakten, schrijft Dekker, denken over het algemeen conservatief over abortus en euthanasie. Dat is niet gereformeerd.  Het is niet toevallig dat twee gereformeerde hoogleraren (de onlangs overleden Utrechtse gynaecoloog Haspels en de VU ethicus Kuitert) een belangrijke bijdrage leverden aan het denken in ons land over resp. abortus en euthanasie. Gereformeerden willen, zoals de stichter van hun kerk Abraham Kuyper zei, ‘in rapport zijn met de tijd’. Ontwikkeling is uitdaging.</p>
<p>Een conservatieve, anti abortus en euthanasie opvatting hoort bij Pro Life. Pro Life is Amerikaans en hoort bij de evangelische beweging. In 1970, toen de gereformeerde verdamping begon, bevond die beweging zich in de marge. Bezwaarde gereformeerden konden in 1970 weinig anders dan hun kerk verlaten voor christelijk gereformeerd of baptist. Dat dat nu anders is, komt door de EO, die het evangelicale geloof als volwaardig alternatief op de kaart heeft gezet. Bovendien is er met de EO jongerendagen een verbinding gelegd met jongeren. Evangelicale vrijgemaakten hoeven door die ontwikkeling hun kerk niet uit. Integendeel, meer en meer nemen ze hun kerk over. Maar minder gereformeerd, minder ‘in rapport met de tijd’,  zijn ze wel. Dekker heeft gelijk: de gereformeerde smaak van de vrijgemaakte kerken zal meer en meer verdwijnen. Maar de evangelicale stroming komt op. Bunschoten Oost zal nog galmen van de gospelsongs, als het zover al niet is. De kerkenraad komt swingend op. De naam is gebleven. Als geschiedenis.</p>
<p><em>Gerard Dekker, De doorgaande revolutie. De ontwikkeling van de Gereformeerde Kerken in perspectief.</em></p>
<p><em>Uitgeverij Vuurbaak. ADChartareeks nr. 23.  € 19,90</em></p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554324&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/04/29/de-eo-maakt-het-verschil/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://2.gravatar.com/avatar/bf0e20eadddc111c3c9ef14c0c996896?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">geneticallyalteredmastermind</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/a964c-dekkervrijmaking-1-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Dekkervrijmaking-1</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/04/606a5-dekkervrijmaking-2-scaled500.jpg" medium="image" />
	</item>
		<item>
		<title>Over groot en klein</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein-65582/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein-65582/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 22 Feb 2013 00:22:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/over-groot-en-klein-65582</guid>
		<description><![CDATA[Of ik een lezing wilde houden in de Agnietenkapel in Gouda. We spraken een thema af: De positie van de mens tussen grootheid en kleinheid in. Het thema vormde een goede opstap verder te denken over geloof en religie. Wat betekent religie voor mij?...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554246&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>
<div class='p_embed p_image_embed'><a href="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/77d70-nieuwe_afbeelding_9-scaled1000.png"><img alt="Nieuwe_afbeelding_9" height="333" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/77d70-nieuwe_afbeelding_9-scaled1000.png?w=500&#038;h=333" width="500" /></a></div>
<p><em>Of ik een lezing wilde houden in de Agnietenkapel in Gouda. We spraken een thema af: De positie van de mens tussen grootheid en kleinheid in. Het thema vormde een goede opstap verder te denken over geloof en religie. Wat betekent religie voor mij? Wat beweer ik &nbsp;als ik zeg dat ik geloof? Wat weet, ken, claim ik dan dat anderen, niet-gelovigen, niet voor hun rekening willen of kunnen nemen. Kort voor de lezing at ik bij een vriend. Volgend jaar zijn we vijftig jaar bevriend. We komen uit hetzelfde gereformeerde milieu. Hij heeft het geloof opgeborgen. Ik niet. Hij wilde weten waarom ik nog geloofde en vooral w&aacute;t ik dan toch geloofde. Niet om het me moeilijk te maken, maar uit een nieuwsgierigheid die half persoonlijk, half wetenschappelijk was &ndash; hij is van huis uit cultureel antropoloog. Hij en ik &nbsp;denken over zo veel dingen gelijk gestemd. Wat heb ik dan dat hij niet heeft? Ik kon hem slechts zoekend en tastend antwoord geven. Maar het hielp me bij de laatste voorbereiding voor mijn Goudse lezing, die hieronder volgt.&nbsp;</em></p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554246&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein-65582/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>2</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/77d70-nieuwe_afbeelding_9-scaled1000.png?w=300" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_9</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Over groot en klein</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 22 Feb 2013 00:02:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/over-groot-en-klein</guid>
		<description><![CDATA[Op vijf oktober 1898 stierf de Utrechtse student Daan Boeke geheel onverwacht in zijn slaap. De dood van haar kind leidde bij zijn moeder, Nelly Oort, dochter van de Alkmaarse predikant Arent Oort, tot een tweestrijd in haar ziel. Nelly Oort was e...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554201&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><span style="line-height:14px;">Op vijf oktober 1898 stierf de Utrechtse student Daan Boeke geheel onverwacht in zijn slaap. De dood van haar kind leidde bij zijn moeder, Nelly Oort, dochter van de Alkmaarse predikant Arent Oort, tot een tweestrijd in haar ziel. Nelly Oort was een vrome vrouw. Ze geloofde in Gods trouwe zorg. Ze was blij om die trouwe zorg. Maar hoe kon zij blij zijn over wat God nu beslist had? Ze moest geloven dat Daan het &lsquo;zo fijn&rsquo; had bij Hem. Maar kon ze dat? Was haar verdriet daarvoor niet te groot? Ze voelde zich er schuldig door. Gevangen als ze was tussen haar eigen gevoel en Gods beschikking.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Het was niet de eerste keer dat ze die tweestrijd voelde. Dertig jaar eerder, in de winter van 1869, was haar oudste broer, en enige zoon in het domineesgezin Oort, Johan plotseling gestorven. Drie weken na zijn dood preekte dominee Oort en zei tegen zijn gemeente: &lsquo;Altijd hogerop! Altijd voorwaarts! Dat moet onze leus zijn!&rsquo; Een keus voor het leven. Tegen de dood. Was dat de uitkomst van een buigen voor &lsquo;de leer&rsquo;? Of was het de uitdrukking van een diep geloof dat God uiteindelijk het beste met ons voor heeft?&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Nelly Oort beschreef haar verdriet en tweestrijd in een dagboek waaruit Daniela Hooghiemstra citeert in een onlangs verschenen biografie over onderwijsvernieuwer Kees Boeke, zoon van Nelly en jongere broer van Daan.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding" height="407" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/629e3-nieuwe_afbeelding-scaled500.png?w=269&#038;h=407" width="269" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Daniela Hooghiemstra, De&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Geest in dit huis is liefderijk.&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Het leven en de werkplaats</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">&nbsp;van Kees Boeke (1884-1966)&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">De Arbeiderspers, &euro; 29,95</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">De dagboekaantekeningen troffen me omdat de nieuwe tijd erin aan de deur klopt, maar nog niet wordt toegelaten. Nelly Oort hoorde enerzijds bij de oude tijd. De tijd van een almachtige God, die alles beschikte en zijn gelovigen omringde met Zijn liefde en zorg. Tegelijk voelt ze, en daarin zien we de invloed van de moderne tijd, haar persoonlijke verdriet en moet ze erkennen dat haar verdriet niet te rijmen valt met haar geloof in Gods almachtige zorg. Ze ziet haar verdriet als gebrek aan geloof. Ze schrapt haar eigen gevoel weg. Het mag niet. Ze mag niet verdrietig zijn. Hoe kun je verdrietig zijn om wat de goede God bepaalt?</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Dertien jaar eerder, in 1886, had de filosoof Friedrich Nietzsche in zijn boek Jenseits von Gut und B&ouml;se het volgende geschreven:&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&ldquo;Het is voor zeer weinigen weggelegd onafhankelijk te zijn. Het is een voorrecht van de sterken. Wie onafhankelijk probeert te zijn zonder dat het moet, bewijst daarmee dat hij waarschijnlijk niet alleen sterk is maar op het overmoedige af, vermetel. Hij begeeft zich in een labyrint en verduizendvoudigt de gevaren die het leven vanzelf al met zich meebrengt. Hij is alleen op zichzelf aangewezen &ndash; hij is immers onafhankelijk &ndash; zodat hij niet met zijn eigen ogen kan zien waar en hoe hij verdwaalt, vereenzaamt en stukje bij beetje door de een of andere holenminotaurus van het geweten wordt verscheurd. Indien zo iemand te gronde gaat, dan gaat dat het begrip van de mensen zo ver te boven dat zij het niet voelen en niet met hem meevoelen: &#8211; en hij kan niet meer terug! Ook naar het medelijden van de mensen kan hij niet meer terug! &ndash;&ldquo;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Nietzsche was zijn tijd ver vooruit. Hij voorzag iets dat toen nog maar mondjesmaat voorhanden was: het onafhankelijke, menselijke individu. De dagboekaantekeningen van Nelly Oort laten dat zien. Haar onafhankelijkheid uit zich als persoonlijke verdriet om de dood van haar kind. Zij ziet dat als schuld. Nietzsche zou daar razend om geworden zijn. Hij zou het gezien hebben als het zoveelste bewijs dat de priesters in de kerk het volk er onder houden door het een schuldgevoel op te leggen. &nbsp;Maar dat is niet het hele verhaal. Nietzsche ziet ook de problemen van de onafhankelijkheid. Wie onafhankelijk probeert te zijn zonder dat het moet, is niet alleen sterk, maar op het overmoedige af vermetel. Het is de vraag of hij zijn krachten voldoende inschat. Of hij bestand is tegen wat hem te wachten staat. Hij daalt af in een duister labyrint, alleen op zichzelf aangewezen. Hij kan zich niet vergelijken met anderen. Hij vereenzaamt en wordt stukje bij beetje verscheurd door de holenminotaurus van het eigen geweten. Iets van die verscheurdheid, van dat verscheurd worden, vind je in het dagboek van Nelly Oort. Ze laat het niet toe. &lsquo;Elle se replie&rsquo;, zoals ze dat in het frans zeggen. Ze vouwt zichzelf terug in de veilige beschutting van haar geloof. Ze buigt. Haar verdriet ontkennen kan niet, maar zorgen dat het niet de boventoon voert lijkt haar een plicht voortvloeiend uit haar geloof.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Het gaat hier over grootheid en kleinheid van de mens. Maar wat is groot? En wat is klein? Is Nietzsche&rsquo;s op het overmoedige af vermetele labyrintafdaler groot omdat hij het labyrint in durft te gaan? Of is hij klein omdat hij uiteindelijk in zijn eentje te gronde gaat. En dominee Oort, die drie weken na de dood van zijn enige zoon zijn gemeente voorhoudt dat hij voorwaarts wil, altijd hogerop, altijd het hart omhoog? Is dat klein omdat hij zijn persoonlijke rouwverwerking ondergeschikt maakt aan zijn geloof in een dogma dat hem verbiedt moedeloos en in tranen erbij neer te zitten? Of is dat groot omdat deze man zo rotsvast gelooft dat hij al na drie weken om kan gaan met zijn verdriet? Of overschreeuwt hij zichzelf &ndash; misschien uit pastoraal plichtsbesef, misschien omdat hij anders zijn geloof zou verliezen. Je proeft dat ook in het dagboek van zijn dochter: toegeven aan verdriet zou haar in een geloofscrisis storten.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Eeuwenlang heeft de kerk haar gelovigen geestelijk verzorgd door ze op te nemen in haar gemeenschap. Als het moest liet ze, goed bijbels, de negenennegentig brave schapen even aan hun lot over om dat ene afgedwaalde schaap te zoeken en, desnoods tegenstribbelend, terug te brengen in de beschutting van de kudde. Daar zat iets in van zorg, maar ook van kleinhouden. Van betutteling. De kerk zag zichzelf als hoedster en herder van Waarheid. Waarheid om in te geloven die zij haar gelovigen voor hield. Zij, de kerk, paste op die waarheid, gaf er toe toegang. Via de priester. Onomstreden was die aanspraak op waarheid van de Kerk niet. En dat niet van vandaag of gisteren. De pestepidemie van de jaren 1348/1349 roeide een derde van de totale Europese bevolking uit. Tientallen miljoenen mensen lieten het leven. Het zou anderhalve eeuw, tot 1500, duren voor het bevolkingsaantal weer op het niveau was van voor de epidemie. De verschrikking van de ziekte sloeg een bres in de eenheid tussen God en schepping. In het geloof dat er een brug was tussen Schepper en schepping.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Der Mensch hat zwei Beine und zwei &Uuml;berzeugungen: eine, wenns ihm gut geht, und eine, wenns ihm schlecht geht. Die letztere hei&szlig;t Religion, zei de Duitse schrijver en columnist Kurt Tucholsky. Op het eerste horen ben je geneigd Tucholsky daarin bij te vallen. Maar is dat terecht? Hoewel velen in die tijd de pestepidemie zagen als een straf van God, was het uiteindelijke gevolg toch dat de Scholastiek, het toenmalige theologische systeem, dat Schepper en schepping op ingenieuze wijze in elkaar gedacht had, beroofd werd van haar aanspraak op waarheid en coherentie. Zo ontstond in de late Middeleeuwen een breuk waar in de hoge Middeleeuwen nog eenheid was. Er moest iets nieuws komen. Dat nieuwe kwam er via de Italiaanse humanisten. Eind veertiende en vijftiende eeuw zochten zij naar een nieuwe band met God. Beredeneerd vanuit zichzelf. Niet meer vanuit God. Door dat startpunt bij zichzelf stonden zij als vroegmodernen aan het begin van de moderne tijd. Je zou kunnen zeggen dat al het religieuze denken sinds die tijd, inclusief dat van de Reformatie, er op gericht was de band tussen God en schepping te herstellen. &nbsp;Alles tevergeefs. De breuk bleef. De wetenschap maakte zich meester van de schepping. De Schepper werd verwezen naar de binnenkamer van het geloof. De Reformatie kon daar goed mee uit de voeten. In de binnenkamer van het geloof stond de mens als zondaar voor God. Als zondaar die Gods genade nodig had. Een stofje in de eeuwigheid. &ldquo;Wie is dan de sterveling dat u aan hem denkt, het mensenkind dat u naar hem omziet?&rdquo; staat er in Psalm 8. Tegelijk verloor de Reformatie, net als psalm 8, niet de plaats uit het oog die de mens in de schepping inneemt: &ldquo;U hebt hem bijna een god gemaakt&hellip;.hem toevertrouwd het werk van uw handen en alles aan zijn voeten gelegd.&rdquo; Grootheid en kleinheid in &eacute;&eacute;n. Kleinheid tegenover de Schepper. Grootheid tegenover de schepping.</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Als het de mens slecht gaat. Als hij getroffen wordt door de Pest of door de plotselinge dood, reageert hij lang niet altijd als domineesdochter Nelly Oort in het Alkmaar van de negentiende eeuw die haar verdriet zag als een schuldig obstakel voor haar vertrouwen in God en boog. Er zit een grens aan dat buigen. Zie de reactie op de Zwarte Dood in de veertiende eeuw. Het gangbare geloof kan vastlopen op de tegenstelling tussen de goede God en het kwaad van de Schepping. Altijd is dat het probleem geweest: hoe vallen God en mens, Schepper en schepping, in elkaar te denken?&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">In de negentiende eeuw krijgt het denken over de plek van de mens in de geschiedenis en tegenover God op verschillende wijze vorm en inhoud. Aan de ene kant zijn er de systeembouwers die de mens, losgemaakt van de plek die de kerk hem eeuwenlang had gegeven, een plek geven in een nieuw systeem. Hetzij via de ontwikkeling van de Geest, zoals bij de filosoof &nbsp;Hegel. Hetzij, tegenover gesteld, in de ontwikkeling van maatschappij en het materi&euml;le, zoals bij Karl Marx. Daartegenover zie je een massieve tegenbeweging in de Rooms-Katholiek kerk die de mens op zijn door scheppingsordening en kerk vastgestelde plek wil houden. Overigens opmerkelijk dat dat &ldquo;op zijn plek houden&rdquo; altijd gaat via strakke voorschriften over seksualiteit en de plaats van de vrouw. De seksualiteit moet voortplantingsgericht. De vrouw heeft een lagere positie. Homoseksualiteit, bij uitstek de niet op voortplanting gerichte seksualiteit wordt als iets tegennatuurlijks afgewezen. Of je nu de orthodoxie van het christendom, het jodendom of de islam neemt, ze komen in dit opzicht alle drie op hetzelfde neer. De onderwerping van de gelovige gaat via de slaapkamer, en dus via de vrouw.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">De katholieke tegenbeweging kreeg vooral gestalte in de theologische kruistocht tegen het modernisme van Paus Pius X (1903-1914).&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_1" height="280" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/8d05a-nieuwe_afbeelding_1-scaled500.png?w=172&#038;h=280" width="172" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Paus Pius X</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Ook mijn eigen, inmiddels in de PKN opgegane, kerk, de Gereformeerde kerk, was het product van zo&rsquo;n negentiende-eeuwse anti-modernistische tegenbeweging. Zoals Paus Pius X teruggreep naar de Middeleeuwen en de theologie van Thomas van Aquino om de scheppingsordening te bewaren en de mens op zijn plaats te houden in een door de Kerk gedomineerd systeem, zo greep Abraham Kuyper terug naar de theologie van Johannes Calvijn, ontstaan ruim voor Verlichting en moderniteit hun vleugels uitsloegen.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Zowel de filosofische systemen van Hegel en Marx als de in reactie daarop ontwikkelde theologische systemen van de katholieke kerk en de neocalvinisten zijn pogingen de mens zijn plaats in een groter geheel te blijven geven als ze die dreigen te verliezen door de teloorgang van een denken waarin tijd en eeuwigheid, hemel en aarde, schepper en schepping nog harmonieus in elkaar overvloeiden. Het schuldgevoel van domineesdochter Nelly Oort berustte op de intu&iuml;tie dat er iets verloren is gegaan dat vroeger vanzelfsprekend was.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Twee filosofen uit diezelfde negentiende eeuw doen niet mee aan die systeembouw. De waarde van de mens bepalen zij niet door middel van diens bijdrage aan een ontwikkeling die de mens zelf te boven gaat. Zij zien de waarde van de mens in de mens zelf. De &eacute;&eacute;n is een hartstochtelijk christen, zij het in de marge van zijn kerk en een bewogen criticus van zijn kerk. De ander een domineeszoon opgevoed in het geloof, maar daar later ver vandaan geraakt.</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">De eerste is een Deen en heet S&oslash;ren Kierkegaard.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_2" height="271" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/fe96e-nieuwe_afbeelding_2-scaled500.png?w=218&#038;h=271" width="218" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Kierkegaard</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">De ander noemde ik al: Friedrich Nietzsche.</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_3" height="229" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/001cc-nieuwe_afbeelding_3-scaled500.png?w=299&#038;h=229" width="299" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Nietzsche</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Bij beide draait het om menswording. Beide hebben een exemplarische held. Een mens die laat zien hoe je uiteindelijk mens kunt zijn. Voor Kierkegaard is dat Abraham en dan de Abraham van het offer van Isa&auml;c. Abraham vertrouwt op God. Ook als God iets van hem vraagt dat de grenzen van fatsoen en ethiek verre te boven gaat. Hij moet zijn enige zoon offeren. &nbsp;Door aan het bevel daartoe te gehoorzamen, toont Abraham zich geen godsdienstfanaat. Integendeel, hij laat zien wat vrijheid is. Niets, geen regel, geen binding, houdt hem tegen. Hij staat, helemaal alleen, voor zijn eigen beslissing. Daarmee neemt hij een geweldig risico. Hij is als de nietzscheaanse figuur die zich stort in het labyrint. Met niemand meer om zich heen. Er wordt in het bijbelverhaal niet gesproken over de terugkeer van vader en zoon na het offer. Maar het is goed voor te stellen dat Abraham vereenzaamd is teruggekeerd. Vervreemd van zijn zoon. Vervreemd van zijn omgeving, die totaal niet begreep waarom hij dat offer moest brengen en toch niet bracht. In de bijbel wordt na het offer van Isa&auml;c geen woord meer tussen vader en zoon gewisseld. Wat Abraham deed, gaat het begrip van de mensen te boven.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Als ik aan Abraham denk, moet ik ook aan Dittrich Bonhoeffer denken.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><a href="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/55597-nieuwe_afbeelding_4-scaled1000.png"><img alt="Nieuwe_afbeelding_4" height="282" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/55597-nieuwe_afbeelding_4-scaled1000.png?w=500&#038;h=282" width="500" /></a></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Bonnhoeffer (2e v.r.) met medegevangenen in kamp&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Flossenburg waar hij op 9 april 1945 werd opgehangen.</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Opgevoed in een traditioneel, conservatief milieu waarin trouw en gehoorzaamheid aan kerk en staat centraal stonden, kwam hij tot landverraad. Hij was lid van een spionagenetwerk ten dienste van de vijanden van zijn Duitse vaderland. Voorbede voor hem, toen hij in zijn dodencel zat, werd daarom geweigerd in de kerkelijke gemeente waarvan hij in Berlijn lid was. Hij stierf in grote eenzaamheid. Hij had zich te verantwoorden. En dat in tegenstelling tot de rechter die hem ter dood veroordeeld had. Hij heette Otto Thorbeck en werd in 1956 van alle blaam gezuiverd.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_5" height="283" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/786dd-nieuwe_afbeelding_5-scaled500.png?w=224&#038;h=283" width="224" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Otto Thorbeck&nbsp;</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Volgens het hoogste Duitse gerechtshof had hij juridisch gezien vlekkeloos gehandeld en had hij Bonhoeffer terecht tot de strop veroordeeld. Wie is hier klein? Wie is hier groot? Bij wie is alles op orde en zeker? Bij wie ordeloosheid en onzekerheid?</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Denk in dit verband ook eens aan het onderscheid tussen Hitler en Churchill. &nbsp;Aan het einde van zijn leven kon Churchill somber zijn. Zijn levensdoel had hij niet bereikt. Het Britse Rijk was uiteengevallen. Hij twijfelde aan zichzelf, rookte onverminderd grote sigaren en dronk forse glazen cognac.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_6" height="272" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/87b83-nieuwe_afbeelding_6-scaled500.png?w=273&#038;h=272" width="273" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Winston Churchill, sigaren,&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">cognac, geen sport, vol twijfel</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Vergelijk deze soms vertederende, soms irriterende, aan zichzelf twijfelende oude man eens met zijn tegenspeler Adolf Hitler. Geheelonthouder, vegetari&euml;r, nooit in zo&rsquo;n raar kruippakachtige overall als Churchill wel eens droeg, maar altijd keurig in uniform. Nooit aarzelend, vol staalharde zekerheid en hetzelfde eisend van zijn volgelingen en zijn volk.</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Nieuwe_afbeelding_7" height="264" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/1dbcf-nieuwe_afbeelding_7-scaled500.png?w=419&#038;h=264" width="419" /></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Adolf Hitler, vegetari&euml;r, geheelonthouder, altijd&nbsp;</span></em></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">strak in het pak, vol staalharde zekerheid</span></em></p>
<p><span style="line-height:14px;"><br /></span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Hitler staat voor eigenschappen die vandaag zeer op prijs gesteld worden: gezond leven, weten wat je wilt en hoe het te bereiken. Churchill daarentegen leefde ongezond, wist geen maat te houden, bleef mede daardoor ook te lang aan de macht en voelde zich ondanks zijn successen toch een mislukkeling. Wie is klein? Wie groot?&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Bij Nietzsche is de tijd nog niet rijp voor de boodschap van Zarathrustra, zijn held. Ook de man met de lamp in zijn boek Fr&ouml;hliche Wissenschaft merkt het als hij de mensen op de markt vertelt dat God dood is. Ze lachen hem er om uit. Ze zeggen wel te weten dat God dood is, maar ze gedragen zich of God toch nog leeft. &nbsp;Ze hebben nog niet door wat hen met de dood van God boven het hoofd hangt. De mens die staat voor zijn eigen leven, die vanuit zichzelf wordt wat hij is, die nietzscheaanse mens moet nog komen. Nu wankelt hij nog als een blinde door het labyrint, verteerd door onzekerheid. Hij moet zijn weg nog vinden. Zijn beslissingen zijn nog eerder vermetel dan moedig, eerder een stap in het duister dan een stap naar het licht.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Kierkegaard en Nietzsche hebben persoonlijk geleden om wat ze voorzagen over de mens, over zijn vrijheid. De tijd is verder gegaan. De pendel is, onontkoombaar, hun kant op geslagen. Van een transcendente God, ongrijpbaar boven ons, naar een immanente God, in ons. Van gezag van buiten af naar gezag van binnen uit. Van lot naar keuze. Van verlossing naar verlichting. Van een tekst als toets naar ervaring als maatstaf. Van overgeleverde traditie naar eigen spiritualiteit. Van een negatief naar een positief mensbeeld. Van een leven gericht op later naar een leven in het nu.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Bij Kierkegaard en veel later ook bij de Franse filosoof Sartre gaat het nog helemaal om de vrijheid de sprong te wagen. Abraham was groot omdat hij die sprong aan durfde, Isa&auml;c durfde te offeren. Sartre spreekt van daden te goeder trouw als het daden zijn die alleen berusten op de vrije wil van de mens en niet op conventies, gebod, geloof of wat dan ook.</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Maar wat is een vrije wil? Wie kan van zichzelf zeggen dat hij beslissingen over zichzelf kan nemen zonder verbonden en gebonden te zijn aan zijn verleden. Nietzsche sluit het derde deel van zijn boek Die fr&ouml;hliche Wissenschaft af met een aantal korte spreuken. E&eacute;n daarvan luidt:&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&ldquo;Was sagt dein Gewissen? &hellip;&rdquo;Du sollst der werden, der du bist!&rdquo; Je moet diegene worden die je bent. Wat je doet, wat je over jezelf denkt en zegt, moet in overeenstemming zijn met jezelf. Het moet &lsquo;stimmen&rsquo;, zegt de Zwitserse filosoof Peter Bieri. Laat daar tot slot nog iets persoonlijks over opmerken. &nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Ik dacht dat ik &lsquo;gestimmt&rsquo; leefde. In de herfst van mijn leven. Maar toch. Lente en zomer waren goed geweest. De herfst voelde als een Indian Summer.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&nbsp;
<div class='p_embed p_image_embed'><a href="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/2d503-nieuwe_afbeelding_8-scaled1000.png"><img alt="Nieuwe_afbeelding_8" height="333" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/2d503-nieuwe_afbeelding_8-scaled1000.png?w=500&#038;h=333" width="500" /></a></div>
<p></span></p>
<p><em><span style="line-height:14px;">Vol prachtige kleuren die wijzen op vergankelijkheid. Maar toch.</span></em></p>
<p>&nbsp;</p>
<p><span style="line-height:14px;">Vol warme dagen en prachtige kleuren die weliswaar wezen op vergankelijkheid, maar deze vergankelijkheid had iets moois, iets goeds, iets om in goede stemming aan te denken. Bij een glas wijn met vrienden en geliefden. Bij een maaltijd. Naar aanleiding van mooie boeken. Schrijvend, mediterend. Het leven had een religieuze ondertoon. Een gevoel er te mogen te zijn, een gevoel gedragen te worden. Dankzij dat gevoel bleef mijn gevoel van dankbaarheid niet ergens vaag boven mijn hoofd rondzweven, maar had het een adres. Ik kon God danken voor mijn leven, ook al was ik er niet uit in hoeverre dat gebed meer was dan het voor mij zelf, tegenover mijzelf, verwoorden van mijn dankbaarheid.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">En toen ineens kwam, heel nabij, de dood langs. Van de ene dag op de andere eindigde mijn Indian Summer. Er ontstond een gat in mijn ziel waarin, zoals de Braziliaanse theoloog/filosoof Rubem Alves (zie elders op dit Blog) ooit beschreef, alle herinneringen aan wat ik lief gehad en verloren had, kwamen te staan in een decor dat niet meer bestond. Heimwee hield de herinneringen levend en zorgde dat de aanwezigheid van de gestorven afwezige blijvend werd gevoeld.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">&ldquo;Gelijk een ster in de dagenraad verdwijnt/je schittering in de doorzichtige tijd./Maar dag na dag wordt mijn leven gebaard/door jouw afwezigheid.&rdquo; &nbsp;De Hongaarse dichteres Zsuzsa Beney verwoordde het prachtig.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Ik kwam voor de vraag te staan wat mijn geloof in deze omstandigheden voor mij betekende. Ik voelde me &lsquo;klein&rsquo;, terwijl ik me eerder in mijn Indian Summer redelijk &lsquo;groot&rsquo; gevoeld had. Ineens begreep ik van binnenuit wat ik bij Alves over religie had gelezen. Religie gaat over verlangen dat ontstaat als we voelen dat er iets niet goed is. Bij dat &ldquo;als er iets niet goed is&rdquo; dacht ik toen marginaal aan de dood. Dat kwam omdat ik alleen dacht aan mijn eigen dood. De dood als een onontkoombare, finale gebeurtenis. Aan alles komt een einde. Ook aan mijn leven. Maar nu had de dood mij midden in het leven getroffen. Het was mijn eer te na, als ik zou blijven hangen in mijn verdriet. Van mijn leven niets meer zou maken. Maar hoe? Het trof me dat ik met lege handen stond, terwijl ik zo veel over de dood had nagedacht. Ik had veel te veel vanuit mijzelf over de dood gedacht.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Over God, las ik bij Alves, spreken we als we vermoeden dat de grenzen van het mogelijke verder reiken dan de grenzen van het werkelijke. Om dat vermoeden te verwoorden gebruiken we onze verbeelding. Noem die verbeelding geen fantasie. Zij is een verklaring van liefde voor wat nog moet ontstaan. Toen ik die zinnen voor de eerste keer las, was die verbeelding vanzelfsprekend toegankelijk. Nu niet meer. Het werkelijke was een blinde muur geworden die het mogelijke de weg versperde.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Het duurde even voor ik zag dat die versperring niet definitief is. Dat het niet het &eacute;&eacute;n is of het ander: ofwel we blijven steken in ons verdriet &ndash; al was het maar om niet ontrouw te worden aan de gestorvene &ndash; ofwel we gaan na een periode van rouw over tot de orde van de dag. Er is een tussenweg. In onze dromen, in onze verbeelding, kunnen we weigeren het verlies van een geliefde te accepteren. Daardoor kunnen we de lieve dode met ons mee dragen en opnemen in ons zelf, zodat ons lichaam en leven deelgenoot worden wordt van de droom. Wie daarmee bezig is, is scheppend bezig. Bezig iets nieuws te maken. Bezig iets nieuws te worden. Voor mij is dat de essentie van Pasen. &nbsp;&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Daarom: niet blijven steken in de gedachte dat het lot nu eenmaal bij het leven hoort. Want ook zinloze dingen kunnen betekenis krijgen. Zelfs de dood kunnen we opnemen in ons eigen levensverhaal, op onze weg om te worden die we zijn.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Soms, als het tijdens een kerkdienst intens stil is, voel je, meer dan je het kunt zeggen, waar het geloof over gaat. Ieder denkt aan wat anders. Toch is er gemeenschap. Ik voel op die momenten ook, dat die gemeenschap niet alleen van binnen, maar ook van buiten komt. Dat zij niet alleen op komt uit onze harten, maar ook op ons neerdaalt. Voor mij is dat de kern van geloof: er komt iets op ons toe. Op zulke momenten verdiept zich de ontvankelijkheid voor het mogelijke.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Vertel dit aan buitenstaanders en tien tegen &eacute;&eacute;n krijg je de vraag: maar geloof je dan ook dat wat er op je af komt, dat dat ook echt bestaat, dat het er is? Anders berust alles uiteindelijk toch op fantasie! De vraag voert meteen terug in de spagaat van domineesdochter Nelly Oort. Enerzijds een persoonlijk, subjectief gevoel, anderzijds een geloof in iets dat objectief, buiten ons om bestaat en ons af en toe aandoet, zoals een meteoriet ons kan aandoen.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Ik wil niet meer in die spagaat. God hoort bij mijn persoonlijke verhaal. Ik zou God in dat verhaal niet willen missen. Ik merk dat als ik de kansen zie voor het mogelijke ondanks het werkelijke. Hij laat zijn aanwezigheid voelen in betekenisvolle stiltes. Hij leert me te accepteren dat aan sommige dingen in het leven niets te doen valt. Dat ze je overkomen. Dat stilte het beste is, als je geen woorden meer hebt. Dat je geduld moet hebben met je zelf.&nbsp;</span></p>
<p><span style="line-height:14px;">Mijn geloof bestaat niet uit het kennen van Gods bedoelingen, is geen &lsquo;weten hoe het zit&rsquo;. &ldquo;Waarheid&rdquo; is een veel te abstract begrip om er grootheid aan te ontlenen. Soms staat een mens met lege handen en toch is dat geen teken van kleinheid. Op zoek gaan is geen teken van zwakte. Maar ik wil wel ergens aan komen. Bij wie ik zelf ben. Bij het verhaal dat bij me past. Van domineesdochter Nelly Oort zei ik &ldquo;elle se replie&rdquo;. Ze vouwde zichzelf terug in het geloof. Ik geloof dat het nu God is die zich om ons heen vouwt. Opgenomen als Hij is in ons verhaal. Als een stilte die ons voorgaat naar onze mogelijkheden en ons bemoedigt te worden die we zijn. In gesprek met ons zelf of in gesprek met vrienden verwoorden we hoe we die stilte invullen. Mijn vriend Pieter Holtrop noemde het ooit een vlot dat we onszelf voorliegen en waarop we, tot onze verbazing, nog blijven drijven ook. In de maanden voor zijn dood hebben we daar intensief over gepraat. Wat we deden, bedacht ik me later, was samen een vlot maken. Met hulp van onze fantasie, maar ook met hulp van de traditie, van de theologie, van elkaar. Het hielp ons onszelf drijvend te houden. Als drenkelingen op een vlot, maar toch, we dreven. We wisten dat er iets niet goed &nbsp;was. Dat de dood zou komen. Toch bleven we verlangen. Naar het mogelijke. Naar God. En of dat groot is of klein moet ieder voor zichzelf bepalen.</span></p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=175554201&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/02/22/over-groot-en-klein/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/629e3-nieuwe_afbeelding-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/8d05a-nieuwe_afbeelding_1-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_1</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/fe96e-nieuwe_afbeelding_2-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_2</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/001cc-nieuwe_afbeelding_3-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_3</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/55597-nieuwe_afbeelding_4-scaled1000.png?w=300" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_4</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/786dd-nieuwe_afbeelding_5-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_5</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/87b83-nieuwe_afbeelding_6-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_6</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/1dbcf-nieuwe_afbeelding_7-scaled500.png" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_7</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/02/2d503-nieuwe_afbeelding_8-scaled1000.png?w=300" medium="image">
			<media:title type="html">Nieuwe_afbeelding_8</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Als Paulus een drammer is, is God dat ook</title>
		<link>http://jangreven.nl/2013/01/11/als-paulus-een-drammer-is-is-god-dat-ook/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2013/01/11/als-paulus-een-drammer-is-is-god-dat-ook/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 11 Jan 2013 18:43:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/als-paulus-een-drammer-is-is-god-dat-ook</guid>
		<description><![CDATA[Kan dat? Kun je een portret van de apostel Paulus samenstellen op basis van wat Lucas over hem schrijft in de Handelingen van de Apostelen, aangevuld met wat hij in zijn Brieven over zichzelf schrijft? Geen theologisch portret. Dat is genoeg gebeu...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=173914133&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p><span style="font-size:13px;">
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Een_leven_tussen_jeruzalem_en_rome" height="300" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/01/093b7-een_leven_tussen_jeruzalem_en_rome-scaled500.jpg?w=191&#038;h=300" width="191" /></div>
<p></span></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>Kan dat? Kun je een portret van de apostel Paulus samenstellen op basis van wat Lucas over hem schrijft in de Handelingen van de Apostelen, aangevuld met wat hij in zijn Brieven over zichzelf schrijft? Geen theologisch portret. Dat is genoeg gebeurd. Nee, een &lsquo;gewoon&rsquo; portret zoals je vindt in de gemiddelde biografie.&nbsp;</p>
<p>Fik Meijer, emeritus hoogleraar Oude Geschiedenis aan de UvA, heeft zich daar aan gewaagd en geprobeerd Paulus, &lsquo;die complexe persoon met zijn goede en slechte kwaliteiten&rsquo;, &nbsp;tot leven te wekken. Hij kende Paulus van huis uit. Zijn vader, leraar geschiedenis aan een katholiek Leids Lyceum, was een groot bewonderaar van de apostel. De landkaart met zijn zendingsreizen hing bij hem in de klas. Die kaart hangt nu bij Fik thuis. Van kritiek wilde zijn vader niet horen. Bij de zoon is dat anders. Eigenzinnig, betweterig, drammerig, ambitieus zijn kwalificaties die geregeld in zijn boek terug komen.&nbsp;</p>
<p>Een boek overigens dat door zijn nuchterheid iets verademends heeft. Geen tekstkritische of literair-kritische methode om achter de tekst door te dringen tot wat eigenlijk bedoeld zou zijn. Maar gewoon, recht voor zijn raap, letterlijk nemen wat er staat. Net of het gaat om gewone geschiedschrijving. Maar beoogt Lucas &lsquo;gewone&rsquo; geschiedschrijving in zijn Handelingen?&nbsp;</p>
<p>In de loop van het boek komt die vraag een paar keer op. In het bijzonder bij Meijers nautisch goed doortimmerde analyse van de schipbreuk die Paulus, op zijn derde en laatste zeereis onderweg naar Rome, leed op het eiland Malta. In de loop van het verhaal verandert Paulus van iemand in de marge naar de figuur om wie alles draait. Zijn eerste advies om de winterstormen te ontlopen door te overwinteren in Schone Havens, een haven op Kreta, wordt nog in de wind geslagen. Terecht volgens Meijer. Schone Havens was ongeschikt om zware stormen te doorstaan. De schipper zag dat beter dan Paulus. Toch wordt Paulus steeds belangrijker en uiteindelijk heeft hij het zo&rsquo;n beetje van de schipper overgenomen. Overigens met rampzalige gevolgen, want uit zijn adviezen blijkt een schrijnend gebrek aan zeemanskunde. Zo denkt Paulus dat de bemanning wil vluchten als zij op het hoogtepunt van de storm een sloep te water laat. &nbsp;Het tegendeel was het geval. Een sloep uitzetten om boegankers uit te brengen was op dat moment het enige wat de bemanning nog kon doen. Als het gelukt was, had het schip misschien nog een kans gehad. Paulus daarentegen laat de touwen van de sloep te kappen. Weg sloep, weg schip. Gevolg van nautische onkunde bij Paulus, die desondanks uitgroeit tot de held van het verhaal.&nbsp;</p>
<p>Zo wordt Paulus in het verslag van Lucas de man van God, die zorgt voor het wonder dat alle opvarenden gered worden waardoor ook hij zelf behouden aankomt in Rome om daar het evangelie te verkondigen. Om dat beeld rond te krijgen heeft Lucas het verhaal van schipbreuk naar eigen hand gezet. Bemanning en schipper komen uiteindelijk in het stuk niet meer voor. De nautische amateur Paulus heeft letterlijk het roer overgenomen.&nbsp;</p>
<p>Het is niet de eerste keer dat er een ondertoon van ergernis bij Meijer te bespeuren is over Paulus&rsquo; zelfverzekerdheid over eigen gelijk, ook al heeft hij geen verstand van zaken. Ook in andere verhalen van de Handelingen en in de Brieven komt hij een uitgesproken eigenzinnige Paulus tegen met maar &eacute;&eacute;n ambitie: zijn geloof uitdragen in het hele Romeinse Rijk. De door hem gestichte christelijke gemeenschappen dienden zijn gedachtegoed als fundament van hun geloof te beschouwen. Als ze dat niet deden en gevoelig bleken voor alternatief gedachtegoed, was hij niet mals en kon hij geweldig te keer gaan. Dat de oergemeente in Jerusalem anders, meer joods, in de christelijke traditie stond kon hij maar moeilijk accepteren. Door te pronken met de positieve resultaten van zijn zendingswerk zette hij ze onder druk. Dat hij zich daarmee niet populair maakte, deerde hem niet. Meijer verdenkt hem van grootheidswaan. Hij zou zichzelf zien als een tweede Alexander de Grote, die de hele toen bekende wereld &oacute;&oacute;k onder zijn invloed gebracht had.&nbsp;</p>
<p>Zo ontstaat een portret van Paulus als een gedreven, eigenzinnige man, die de boodschap van Jezus Christus naar eigen inzicht heeft gemodelleerd en alles op alles zette om zijn boodschap te doen &lsquo;winnen&rsquo;. Scherp gezegd: Paulus gebruikte God, en de boodschap van zijn Zoon, om zijn eigen boodschap er door te drukken.&nbsp;</p>
<p>Voor de gelovigen die de Handelingen lezen en de brieven van Paulus, is het net andersom. Niet Paulus gebruikt God, maar God gebruikt Paulus. Niet Paulus is ambitieus en drammerig. God is dat. In het begin van de Handelingen citeert Lucas deze laatste woorden van Jezus uitgesproken pal voor zijn hemelvaart : &ldquo;Jullie zullen kracht ontvangen en van mij getuigen &hellip; tot aan de uiteinden van de aarde.&rdquo; Dat heeft Paulus gedaan. Niet te eigen bate, maar in dienst van zijn Heer. Aldus de gelovigen.&nbsp;</p>
<p>De God van Paulus was hoog en machtig en tegelijk laag en dienstbaar. Eeuwig en tegelijk tijdelijk, want hij had rondgelopen in de gestalte van een mens, zijn Zoon. Datzelfde hoog en laag, fel en zachtmoedig, vol van ijver en tegelijk vol van liefde, vind je bij Jezus. Het is de religieuze pit van het christendom.&nbsp;</p>
<p>Diezelfde dubbelslag zie je bij Paulus zelf. Soms hoog van de toren, dan weer van een grote ootmoedigheid. Fel en drammerig, maar tegelijk met een diep besef van dienstbaarheid. Door die innerlijke tegenstrijdigheid heeft hij iets raadselachtigs en is hij alle eeuwen door blijven fascineren. Haal je die pit, die tegenstrijdigheid, &nbsp;er uit, dan houd je, zoals Meijer laat zien, blinde ambitie voor het eigen gelijk over. In die zin is zijn Paulus eerder een voorloper van de kerkgeschiedenis, ook vol ambitie voor het eigen gelijk, dan een volgeling van Jezus.&nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<p><em>Fik Meijer, Paulus. Een leven tussen Jerusalem en Rome.</em></p>
<p><em>Atheneum, Polak &amp; Van Gennip. &euro; 19,95</em></p>
<p>&nbsp;</p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=173914133&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2013/01/11/als-paulus-een-drammer-is-is-god-dat-ook/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2013/01/093b7-een_leven_tussen_jeruzalem_en_rome-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Een_leven_tussen_jeruzalem_en_rome</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Waarom is december zo’n moeilijke maand?</title>
		<link>http://jangreven.nl/2012/12/15/171817627/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2012/12/15/171817627/#comments</comments>
		<pubDate>Sat, 15 Dec 2012 13:08:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/171817627</guid>
		<description><![CDATA[Open haard. Glas wijn erbij - geniet, maar drink met mate. Gordijnen dicht. De buitenwereld buitengesloten. Melancholie. Denken aan vroeger. Maar alleen gefilterde herinneringen mogen binnen. Herinneringen aan vroeger als de tijd van peilloos goed...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=171817627&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Kerstboomlopik" height="228" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/12/befd7-kerstboomlopik-scaled500.jpg?w=320&#038;h=228" width="320" /></div>
</p>
<p>Open haard. Glas wijn erbij &#8211; geniet, maar drink met mate. Gordijnen dicht. De buitenwereld buitengesloten. Melancholie. Denken aan vroeger. Maar alleen gefilterde herinneringen mogen binnen. Herinneringen aan vroeger als de tijd van peilloos goed en niks aan de hand.</p>
<p>Ik weet het: wegkruipen in een cocon, een deksel over het verdriet met hulp van verdringing en een goed glas wijn, het is een vlucht. Het is de troost van de illusie. Maar de tussenweg tussen deze illusie van geborgenheid bij de open haard en het rauwe verdriet om de realiteit kan ik nog maar moeilijk vinden. December is bij uitstek de maand waarin je dat ervaart. De illusie van geborgenheid dringt zich op. Verdringen wil je niet. Maar machteloos verdrietig tegenover elkaar zitten is ook zo droef.</p>
<p>Ze had een kerstboom. Zo &eacute;&eacute;n, die je na gebruik kunt afstoffen en opgevouwen opbergen in een doos. Ik houd niet van kunstbomen, maar ze had zich niets van mijn bezwaren aangetrokken. Het was een boom die haar helemaal paste. Wel sfeer, geen uitvallende naalden en troep in huis. Alle versiering zelf uitgezocht op de reizen die ze maakte. Bij ieder versiersel een verhaal. De boom vertelde haar leven. Toen ik haar vond, die verschrikkelijke eerste week van januari van dit jaar, stond de boom nog opgetuigd in de kamer. Ze lag er vlakbij. Dood. Sinds dat moment kan ik geen kerstboom meer zien zonder brok in de keel. Alleen daarom al is december een moeilijke maand.</p>
<p>Haar boom staat nu in het huis van onze zoon. Dat is goed. Er wordt iets doorbroken. Iets dat verbonden was met haar leven, haar persoon, krijgt een nieuwe bestemming. Verliest daardoor iets van zijn intimiteit. Wordt minder relikwie, maar krijgt een nieuw bestaan in een andere wereld. Zoals ook haar huis van h&aacute;&aacute;r huis verandert in een huis voor anderen. Dat is goed. Het helpt om met haar dood in het reine te komen.</p>
<p>In het begin voelde iedere activiteit in die richting als ontrouw. Zelfs verraad. Dat gevoel ging ver. We hadden te veel rouwkaarten besteld en waren ontdaan bij de gedachte dat de overblijvende kaarten met haar foto in de oud papierbak zouden belanden. Alsof we haar zelf bij het oud papier&nbsp; zetten. We zijn daar wat sterker in geworden. Maar bij de confrontatie met haar boom besef je hoe dun het ijs nog is.</p>
<p>Natuurlijk, het hele jaar door investeren we in gezelligheid en aandacht voor elkaar. Maar december springt er toch uit. Door die twee feesten van warmte en gezelligheid. Sinterklaas en Kerst. Beide feesten zitten vol met rituelen. In het ene gezin draait het bij Sinterklaas om surprises, in het andere om gedichten. Voor weer een ander hoort samen eten bij Sinterklaas. Vaak hoor je dat iedereen op pakjesavond bij voorkeur zit op dezelfde stoel als vorig jaar. Op dezelfde plek in de kamer. Met Kerst is het niet anders. Eerste Kerstdag altijd bij de &eacute;&eacute;n, Tweede Kerstdag bij de ander, of andersom. Vaak wordt moeder haast ritueel gehaald op Eerste Kerstdag of meldt zich een vriend of vriendin, die er-met-Kerst-altijd-bij-is. Ook het menu ligt vaak vast. Eerste Kerstdag altijd zus, Tweede Kerstdag altijd zo. We voelen feilloos aan welk eten past bij Kerst, en welk eten niet.</p>
<p>Met al hun vaste momenten zijn Sint en Kerst rituele gebeurtenissen waarin het familie- , gezins- of vriendschapsgevoel gevierd wordt. Normaal gesproken zijn die gevoelens abstract, maar in rituelen kun je ze concreet maken. Een huwelijk is zo&rsquo;n ritueel, of de viering van een speciale verjaardag (50 of 65 jaar). Of een begrafenis. Wat je voor elkaar betekent, kun je op die momenten haast tastbaar voelen. Vandaar de tranen die er vloeien bij een speech. Soms tranen van verdriet, soms van vreugde. Want wat ons raakt, emotioneert ons.</p>
<p>Sint en Kerst zijn net als huwelijk, verjaardag en begrafenis, rituele gebeurtenissen. Zij het bijzondere, omdat ze ieder jaar terugkeren. In december.</p>
<p>Vaak kun je niet goed zeggen hoe het zat met de liefde en genegenheid in het gezin waarin je opgroeide. Maar kijk door je oogleden terug naar vroegere Sinterklaas- of Kerstfeesten en je ziet het voor je. Of, want het tegendeel is ook mogelijk, je ziet wat er toen aan liefde en genegenheid ontbroken heeft.</p>
<p>Rituelen ontwikkelen zich heel langzaam. Afspraken er over worden nooit expliciet gemaakt. De rituelen van Sinterklaas en Kerst laten zien hoe we als familie, gezin of vriendenkring willen zijn. Zijn we ook zo? Of maken we ons wat wijs en spelen we bij Sinterklaas en Kerst &lsquo;happy family&rsquo; om na afloop opgelucht te constateren dat we er weer een jaar af zijn. Als de keizer geen kleren aan heeft, wie durft dat dan te zeggen?</p>
<p>Hoe heftig, hoe destabiliserend werkt het als een buitenstaander, meestal in de persoon van een kersverse schoondochter of schoonzoon, voor het eerst in de kring, niet echt mee doet en laat merken zich niet thuis te voelen? Hoe kwetsbaar zijn we in die twee symbolen van familiegevoel, Sint en Kerst.</p>
<p>Mijn dochter leefde alleen. In harmonie met zichzelf. In haar kunstkerstboom werd dat weerspiegeld. Symbool van zelfredzaamheid in zake geluk. Haar dood te vinden bij dat symbool was sowieso al hartverscheurend.</p>
<p>Haar aanwezigheid was ook essentieel voor de invulling van onze symbolische decemberfeesten. Wat is Sinterklaas zonder haar gedichten, zonder de intense vreugde en verwachtingsvolle spanning op haar gezicht als een door haar gemaakt gedicht werd voorgelezen en het bijbehorend cadeau werd uitgepakt? Wat is Kerst zonder het door haar gemaakte toetje op het kerstdiner van Kerstavond &ndash; altijd Kerstavond om haar niet te claimen voor de Kerstdagen, want ze hield niet van claims. Daar stond ze, in de keuken, om op het allerlaatste moment de final touch op haar desserts aan te brengen. En je moest daar geen enkele aanmerking op maken. Ze was kwetsbaar in haar desserts.</p>
<p>Valt een stuk gelopen ritueel te vervangen? Natuurlijk willen we d&oacute;&oacute;r met het onderstrepen van het familiegevoel. Maar kan dat ook als er niet meer te vieren valt, zoals we vroeger vierden dat we elkaar lief hadden? Voor die vraag stelt december de rouwenden. De rouwenden mogen niet zeggen: nu stellen Sint en Kerst niks meer voor. Dat mag niet vanwege alle liefde om hen heen, vanwege de liefde en genegenheid die zij juist in droeve tijden ervaren van kinderen, kleinkinderen, familie en vrienden.</p>
<p>Maar een nieuw ritueel om die liefde en genegenheid te vieren en te beleven trek je niet zo maar uit de kast. Het is goed als kinderen hun net weduwe geworden moeder met Kerst bij hen uitnodigen. Maar vroeger toen zij nog geen weduwe was, ontving zij zelf, vierde haar &nbsp;ritueel in eigen huis. Dat is voorbij en zo wordt Kerst een confrontatie met vroeger. Vroeger, zoals het was en nooit meer wordt. De weduwe ziet hoe haar kinderen hun best gedaan hebben. Het ontroert haar. Maar nooit voelde ze smartelijker dat ze alleen is, dat haar man er niet meer is. Ze vindt zichzelf ondankbaar, verwijt zichzelf haar verdriet, wil de vrolijkheid van het samenzijn niet verzieken. Huilt later, alleen in haar bed in de onwennige logeerkamer van haar kinderen. Tranen om een ritueel dat was maar nooit meer terug komt.</p>
<p>Daarom is december zo&rsquo;n moeilijke maand. &nbsp;</p>
<p>&nbsp;</p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=171817627&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2012/12/15/171817627/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>3</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/12/befd7-kerstboomlopik-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Kerstboomlopik</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Op zoek naar een selbstbestimmtes Leben</title>
		<link>http://jangreven.nl/2012/12/03/op-zoek-naar-een-selbstbestimmtes-leben/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2012/12/03/op-zoek-naar-een-selbstbestimmtes-leben/#comments</comments>
		<pubDate>Mon, 03 Dec 2012 14:30:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>
		<category><![CDATA[Bieri]]></category>
		<category><![CDATA[Leben]]></category>
		<category><![CDATA[selbstimmtes]]></category>
		<category><![CDATA[stimmig]]></category>
		<category><![CDATA[zelfkennis]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/op-zoek-naar-een-selbstbestimmtes-leben</guid>
		<description><![CDATA[De meeste mensen denken bij filosofie aan iets ingewikkelds. Iets over waarheid, goedheid of schoonheid. Maar dan abstract. Interessant, maar niet voor het leven van alledag. Peter Bieri ziet dat anders. Filosofie gaat bij hem over levenswijsheid....<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=170703198&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Bieri" height="204" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/12/cc017-bieri-scaled500.jpg?w=126&#038;h=204" width="126" /></div>
</p>
<p>De meeste mensen denken bij filosofie aan iets ingewikkelds. Iets over waarheid, goedheid of schoonheid. Maar dan abstract. Interessant, maar niet voor het leven van alledag.&nbsp;</p>
<p>Peter Bieri ziet dat anders. Filosofie gaat bij hem over levenswijsheid. Een wijs mens leeft in overeenstemming met zijn eigen gedachten, wensen en gevoelens. Hoe doe je dat? Hoe bereik je dat? Daarover gaat zijn filosofie.&nbsp;</p>
<p>De naam Peter Bieri zal de meesten weinig zeggen. Met zijn schuilnaam, Pascal Mercier, is dat anders. Onder die naam schreef hij Nachttrein naar Lissabon. Een internationale bestseller, waarin de hoofdpersoon Raimund Gregorius, sinds jaar en dag leraar klassieke talen in het Zwitserse Bern, van de ene dag op de andere breekt met zijn grijze leven. En dat door &eacute;&eacute;n woord, uitgesproken door een vrouw. Gregorius loopt haar onderweg naar school op een brug tegen het lijf. Ze gedraagt zich niet helemaal normaal. Hij is bang dat ze van de brug wil springen en vraagt waar ze vandaan komt. <em>Portugues</em>, antwoordt de vrouw. Dat doet het. De wijze waarop de vrouw het zegt, roept iets bij hem wakker. Iets van verlangen. Maar ook iets over hemzelf, over het leven dat hij leidt. Is dat het leven dat bij hem past?&nbsp;</p>
<p>Hij valt er voor. Hij valt niet voor de vrouw, zoals in de film naar aanleiding van het boek. Nee, hij valt voor het woord, voor de zangerige, verlangen naar verre landen oproepende klank waarop het uitgesproken wordt. &ldquo;Dat kan.&rdquo;, zei Bieri onlangs tijdens een lezing in het Noord-Hollandse Laren. &ldquo;Een woord kan je leven veranderen.&rdquo;</p>
<p>Bieri was in Laren om de Nederlandse vertaling te promoten van<em> Wie wollen wir leben? </em>Een drietal lezingen die hij in 2011 hield in het Oostenrijkse Graz. De eerste lezing gaat over <em>Selbstbestimmtes Leben</em>. De Nederlandse vertaalster heeft daar Autonoom Leven van gemaakt. Dat is jammer, omdat zo het stimmige verloren gaat dat zit in <em>Selbstbestimmung</em>. <em>Stimmig </em>is een belangrijk woord voor Bieri. Iets is <em>stimmig </em>als het klopt. Als er overeenstemming is (daar zit datzelfde woord <em>stemming </em>in). Een <em>selbstbestimmtes Leben</em> is een leven dat klopt met de eigen gedachten en gevoelens. Het leven van Gregorius bleek bij nader inzien toch niet te kloppen. Hij ging op zoek naar <em>Selbstbestimmung</em> en dat is wat anders dan autonomie. Iemand kan autonoom leven, ook al is er in zijn leven geen sprake van <em>Stimmigkeit</em>.&nbsp;</p>
<p>De tweede lezing gaat over zelfkennis. Logisch. Om in overeenstemming te leven met jezelf, moet je je zelf kennen. Maar hoe leer je je zelf kennen? In elk geval niet door met een lampje af te dalen in het eigen binnenste. We hebben zo&rsquo;n lampje niet tot onze beschikking. Bovendien zit er geen mannetje in ons dat we als waarnemer van ons innerlijke Ik op pad kunnen sturen. Het enige dat we hebben om onszelf te leren kennen, is wat er in ons leven gebeurde en hoe we daar op reageerden. Soms zijn we daar trots op en vertellen er graag over. Soms schamen we ons en stoppen het weg. Welke verhalen vertellen we graag? Welke niet? Waarom? Kloppen de verhalen nog als we in een crisissituatie belanden? Met die vragen begint het zoeken naar zelfkennis.&nbsp;</p>
<p>Een van mijn &lsquo;sleutelverhalen&rsquo; is altijd het verhaal geweest over Abraham die van God zijn zoon Isa&auml;c moest offeren. Abraham vertrouwde dat het uiteindelijk goed zou komen, ook toen hij verder ging dan het ethisch toelaatbare. Dat sprak me aan. Kies voor iets en blijf sterk in vertrouwen dat het goed komt. Ik beschouwde dat verhaal als <em>stimmig</em> met mijn eigen leven. Tot de crisis. Mijn dochter, mijn<em> Isa&auml;c</em>, stierf. Ik stond met lege handen. Wat nu vertrouwen dat het uiteindelijk goed komt?&nbsp;</p>
<p>Na haar dood ben ik niet in staat dezelfde verhalen als vroeger over mijzelf te blijven vertellen. Het waren verhalen die mijn leven glans gaven. Maar de glans is weg. De verhalen hangen in de lucht. Ik moet op zoek naar nieuwe <em>Stimmigkeit.</em> Ik ben de enige niet. Ik merk dat het troostvol is rouwen op te vatten als een zoektocht naar nieuw zelfinzicht. Je hoeft niet te blijven steken in dat verlammende gevoel van verlies, in machteloosheid om wat je is over komen. Je kunt iets doen.&nbsp;</p>
<p><em>Peter Bieri, Hoe willen wij leven?&nbsp;</em></p>
<p><em>&nbsp;</em><em>Uitgeverij Wereldbibliotheek &nbsp;&euro; 15, 90&nbsp;</em></p>
<p />
<p>&nbsp;</p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=170703198&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2012/12/03/op-zoek-naar-een-selbstbestimmtes-leben/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/12/cc017-bieri-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Bieri</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Een visioen, geen luchtspiegeling.</title>
		<link>http://jangreven.nl/2012/11/21/een-visioen-geen-luchtspiegeling/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2012/11/21/een-visioen-geen-luchtspiegeling/#comments</comments>
		<pubDate>Wed, 21 Nov 2012 15:32:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/een-visioen-geen-luchtspiegeling</guid>
		<description><![CDATA[Afgelopen vrijdag 16 november werd een nieuw boek van Niek Schuman gepresenteerd in De Kleine Kerk in Duivendrecht. Niek Schuman was hoogleraar in de Liturgie en Universitair Docent Oude Testament aan de Theologische Faculteit van Kampen en van de...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=169308379&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>
<p><span style="line-height:115%;"><em>Afgelopen vrijdag 16 november werd een nieuw boek van Niek Schuman gepresenteerd in De Kleine Kerk in Duivendrecht. Niek Schuman was hoogleraar in de Liturgie en Universitair Docent Oude Testament aan de Theologische Faculteit van Kampen en van de Vrije Universiteit. Ik mocht daar<a name="_GoBack"></a> iets zeggen. Wat ik zei, staat hieronder.&nbsp;</em></span></p>
</p>
<p>
<div class='p_embed p_image_embed'><img alt="Mijn_jaren_van_geloven" height="255" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/11/09f18-mijn_jaren_van_geloven-scaled500.jpg?w=160&#038;h=255" width="160" /></div>
</p>
<p>
<p>Zwierigheid, onvoorspelbaarheid, schoonheid. Niet iedereen zal die drie eigenschappen associ&euml;ren met de Bijbel. Niek Schuman wel. Zwierig, onvoorspelbaar en vooral tegendraads. Bijbelverhalen kunnen hem niet tegendraads genoeg zijn. Hoe tegendraadser, hoe weerbarstiger, hoe dichter biografie en theologie bij elkaar komen. &nbsp;</p>
<p>Zijn boek Mijn jaren van geloven gaat over zijn leven. Toch is het niet alleen een autobiografie. Het gaat ook over de kerk, de liturgie, het bestaan van God, het kwaad en fundamenteel vertrouwen. Een geloofsleer dus? Nee, daar is het weer te verhalend, te anekdotisch voor. Zoals in weerbarstige bijbelverhalen biografie en theologie bij elkaar komen, zo is het ook in dit boek. Wat Schuman (1936) mee maakt, ervaart, ondergaat in zijn leven, zijn opstapjes en opstappen voor de grote vragen. Wie is God? Hoe machtig is het kwaad? Hoe krachtig de liefde? Zo biedt zijn boek een nieuw theologisch genre: de autobiografische geloofsleer.&nbsp;</p>
<p>Er is nogal wat gebeurd in zijn leven. Dat begon al jong. Met de dood van zijn jongere broertje Kees. Direct na de oorlog. Bovenop alle dood die de oorlog gebracht had. Het ontnam het leven al vroeg zijn vanzelfsprekendheid.&nbsp;</p>
<p>Ik herinner me nog goed dat ik vroeger de Griekse tragedies wel erg tragisch vond. Met wel erg veel dood en lijden. Gelukkig, dacht ik, zijn onze tijden rustiger, burgerlijker, niet meer zo met drama overgoten als die tragedies. Achteraf gezien sprak ik te vroeg. De Griekse tragedies beschrijven het menselijk leven zoals het is. Zo, zo in verwevenheid met de dood, is het leven. Zo vind ik het ook in Schumans boek.&nbsp;</p>
<p>Grote vreugde is er. En groot verdriet. Dwars door elkaar. Er komen kinderen. In hun doopdienst preekt hij over de ark. Hij noemt de ark een &lsquo;rare doodskist&rsquo;. Maar wel &eacute;&eacute;n waarin het leven bewaard bleef. Het is er donker. Maar bovenin is een venster. Waardoor licht. Zij het van ver. Diffuus en verstrooid. &nbsp;Hij citeert Hans Andreus : &ldquo;En dat ik weet dat ik er vandaan kom, van het licht, of hoe dat heet&rdquo;.&nbsp;</p>
<p>In zijn gemeente, toch een gewone huis- tuin en keuken gemeente, spelen nogal wat tragedies. Een zelfdoding. Een meisje van vier dat in haar spel verongelukt in het verkeer. Een weduwnaar die hertrouwt, verliest binnen een jaar ook zijn tweede vrouw.&nbsp;</p>
<p>Als predikant zegt Schuman de dood aan, leidt de begrafenis, probeert de mensen weer op de been te krijgen. Tegelijk laat hij andermans nood, lijden en droefenis binnenkomen in zijn eigen ziel. Andermans existenti&euml;le problemen worden zijn existenti&euml;le problemen. Andermans nood wordt zijn nood. Andermans wanhoop zijn wanhoop.&nbsp;</p>
<p>Zittend bij het sterfbed van een door een vrachtwagen overreden vriend denkt hij na over de vraag of God nog iets van doen heeft met al die chaos die je niet aan zonde of eigen schuld kunt toeschrijven. Kan God op tegen het lot dat ons kan treffen? Hij besluit er een proefschrift over te schrijven. En later dit boek.&nbsp;</p>
<p>Dat is moedig. Eigen pijn om wat ons in ons leven aan noodlottigs overkomt, is zwaar genoeg. Het wordt extra zwaar als daar het lijden van anderen bij komt. Maar weinigen springen hen na in de oervloed van het lijden.&nbsp;</p>
<p>De bereidheid om uit liefde en solidariteit mee af te dalen in de chaos geeft het boek een urgentie. Er moet iets. Mensen mogen niet zinloos ten onder gaan. Daarom leest Schuman de tegendraadse verhalen van de bijbel zo graag. Het zijn verhalen met toekomst, zij het &lsquo;toekomst ternauwernood. &ldquo;Vaak&rdquo;, schrijft hij, &ldquo;heb ik aangegeven hoe ik door die verhalen aangesproken werd, steeds sterker naarmate de existenti&euml;le klappen harder aan kwamen&rdquo;.&nbsp;</p>
<p>Wie zelf getroffen is door verdriet, ontwikkelt een gevoel waardoor je aanvoelt of meeleven van buitenaf komt of van binnenuit. Geen kwaad woord over meeleven van buitenaf. Alle meeleven doet goed. Ook wat blijft aan de buitenkant. Een hoop mensen kunnen niet anders dan hun gevoelens uitdrukken in algemene termen. Maar meeleven van binnenuit steekt dieper. Het is niet alleen meeleven, het is ook mee oplopen waardoor het je helpt de ene voet opnieuw voor de andere te zetten als het vanzelfsprekende bewegen in het leven moeilijk is geworden.&nbsp;</p>
<p>Wie meeleeft van binnenuit, neemt het kruis van de ander mee op zijn schouders. Dat woordeloos meedragen is vaak belangrijker dan wat er aan woorden van troost of meeleven gezegd wordt.&nbsp;</p>
<p>Wat gaat er in ons om als we zo mee oplopen? Wat voelen we, wat denken we, ervaren we als we weigeren te capituleren voor zinloosheid, als we betekenis willen blijven geven aan het bestaan, als geloven is gereduceerd tot niet meer dan koppigheid om niet te capituleren voor de zinloosheid?&nbsp;</p>
<p>Berust wat we uiteindelijk formuleren als antwoord op de betekenisloosheid op fantasie? Nuttige fantasie, dat zeker. Maar toch: verbeelding? Het godsbegrip, schrijft Schuman, is ongrijpbaar. Je kunt niet vanuit een andere, goddelijke werkelijkheid nadenken over onze alledaagse werkelijkheid. Hij citeert de helaas reeds lang vergeten A. J. Nijk die in een speciaal Wending nummer uit 1962 dat ging over het bittere raadsel van de goede schepping, schrijft over iemand die zo maar de goddelijke werkelijkheid op onze werkelijkheid aansluit. Nijk vergelijkt hem met iemand die met een feestelijk gebaar een fles ontkurkt en ontdekt dat de fles leeg is als hij wil inschenken. &nbsp;</p>
<p>Schuman wil verder met God zonder Hem te vervluchtigen tot fantasie. Maar ook zonder Hem te laten verstollen tot &lsquo;etwas vorhandenes&rsquo;. Daar tussen in balanceert hij. Het is met God, schrijft hij, als met de liefde. Je wordt verliefd en ontdekt de liefde. De liefde bestaat niet. Toch was de liefde er al, voor je verliefd werd en de creatieve kracht van de verliefdheid ontdekte. Zo was God er al, voor wij Hem ontdekten. Hoe die ontdekking uitpakt, hangt, net als in de liefde, af van onze keuzes, van ons antwoord op de net ontdekte kracht.</p>
<p>De gelovige blijft zoeken naar God. Ook in de chaos. Vanzelfsprekend is er niks. Het vinden is allemaal op het nippertje en omgeven met twijfel. Gelukkig zijn er bondgenoten. Mensen om ons heen. Schuman voegt God aan die rij bondgenoten toe. Zonder God te laten opgaan in ons, menselijk, bondgenootschappelijk handelen.&nbsp;</p>
<p>Met instemming citeert hij een paar keer Henk van Randwijk, een van de oprichters van de verzetskrant Vrij Nederland, die van zijn gereformeerde geloof was afgevallen, maar ook zei: &ldquo;&hellip;het diepste geheim van de kosmos is geen vijandschap, geen wreedheid, geen ongenaakbaarheid, maar barmhartigheid. &lsquo;Hij is het die ons zijne vriendschap biedt&rsquo;, staat ergens in de psalmen (psalm 103 vers 5; oude berijming) en dat vind ik wonderbaarlijk mooi.&rdquo;&nbsp;</p>
<p>In het boek is Van Randwijk een kroongetuige. Net als Sieuwert Bruins Slot, medeoprichter van dat andere verzetsblad, Trouw. Aan het slot van zijn biografie schrijft Bruins Slot : &ldquo;&hellip;.Eigenlijk voel ik mij agnost. Toch blijf ik me gelovige noemen, want ik weet &eacute;&eacute;n ding: ik word vastgehouden.&rdquo; Dat is geen dogma, voegde Bruins Slot daar aan toe, maar een geloofservaring.&nbsp;</p>
<p>Dat we vastgehouden worden. Ongrijpbaar. Iets dat tot ons komt in Gods verborgen omgang, zoals Dietrich Bonhoeffer, ook al een man uit verzet tegen de Nazi&rsquo;s, &nbsp;daarover schreef.&nbsp;</p>
<p>Laatste antwoorden ontglippen ons. Het bittere raadsel van de goede schepping blijft. Hoe vind je in de oervloed die een mens kan overspoelen de moed, en het geloof, om te zeggen dat het diepste geheim van de kosmos barmhartigheid is? Dat we worden vastgehouden? Hoe stoer kun je zijn als de schepping een bitter raadsel is geworden? Het heeft me getroffen dat na alle vragen en twijfel (de bron van het licht in de ark was zo diffuus dat je nauwelijks kon zien dat het kwam uit een raam helemaal bovenin) eikenbomen als Van Randwijk en Bruins Slot Schumans hoofdgetuigen worden. Stoere, hoekige mannen. Net zo stoer als het verzet waarin ze zaten. Dat het niet t&eacute; stoer wordt, komt omdat wat ze zeggen ver staat van een zeker weten. Waar ze naar verwijzen is iets om naar te reiken in de liturgie. Niet om neer te leggen in een dogmatiek.&nbsp;</p>
<p>Geen kennis van God, wel kennis aan God. Schuman citeert de dichter C. O. Jellema die het gedicht beschrijft als een vrijplaats van intu&iuml;ties, voor onverdedigbare noties en niet te beargumenteren beseffen. Geloven is ook zo&rsquo;n vrijplaats. Veel vanzelfsprekendheden zijn verdwenen. Wat blijft is een vergezicht van onverdedigbare noties die wij delen met een stoet van gelovigen die ons al zijn vooruit gegaan. Henk van Randwijk loopt in die stoet, Sieuwert Bruins Slot, Dietrich Bonhoeffer. Maar niet alleen imposante mannen. Ook broertje Kees en dat kleine meisje van vier dat werd weggerukt in haar spel en de vriend die werd overreden door een vrachtwagen en al die andere geliefden die ons zijn voorgegaan.&nbsp;</p>
<p>Geloven is geen individualistische onderneming. Er valt nog wat te verwachten.</p>
<p>Het valt mij moeilijk, schrijft Schuman aan het einde van zijn boek, niet te geloven in een werkelijkheid achter al deze woorden. Alleen al omdat ik telkens weer die stoet voor mij zie. Zonder einde en getal. Op weg naar een landschap in het morgenlicht, dat ligt achter de horizon van dood en schuld.&nbsp;</p>
<p>&ldquo;En ik geloof dat zij zich niet vergist hebben en dat ik mij op mijn beurt ook niet vergis. Of wel: dat dit visioen geen luchtspiegeling is.&rdquo;&nbsp;</p>
<p><em>Niek Schuman, Mijn jaren van geloven. Voorgoed verleden, blijvend visioen.</em></p>
<p><em>Uitgeverij Meinema. &euro; 25</em></p>
<p />
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=169308379&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2012/11/21/een-visioen-geen-luchtspiegeling/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/11/09f18-mijn_jaren_van_geloven-scaled500.jpg" medium="image">
			<media:title type="html">Mijn_jaren_van_geloven</media:title>
		</media:content>
	</item>
		<item>
		<title>Waarom het opruimen van een huis zo moeilijk is.</title>
		<link>http://jangreven.nl/2012/10/12/waarom-het-opruimen-van-een-huis-zo-moeilijk/</link>
		<comments>http://jangreven.nl/2012/10/12/waarom-het-opruimen-van-een-huis-zo-moeilijk/#comments</comments>
		<pubDate>Fri, 12 Oct 2012 17:41:00 +0000</pubDate>
		<dc:creator>basvangeenen</dc:creator>
				<category><![CDATA[Uncategorized]]></category>

		<guid isPermaLink="false">http://jangreven.nl/waarom-het-opruimen-van-een-huis-zo-moeilijk</guid>
		<description><![CDATA[met Funda Müjde en Bright Richards bij 10 jaar het Vermoeden, rechts Annemiek Schrijver. In het Turks kun je iemand een half jaar later nog condoleren met het verlies van een geliefde. Het Turks heeft daar een speciale zin voor. Mooi is dat. Het v...<img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=165007522&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></description>
				<content:encoded><![CDATA[<p>
<p>
<div class='p_embed p_image_embed'><a href="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/10/5faa1-vermoeden-scaled1000.jpg"><img alt="Vermoeden" height="162" src="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/10/5faa1-vermoeden-scaled1000.jpg?w=500&#038;h=162" width="500" /></a></div>
<p><em>met Funda M&uuml;jde en Bright Richards bij 10 jaar het Vermoeden, rechts Annemiek Schrijver.</em></p>
<p>&nbsp;</p>
<p>In het Turks kun je iemand een half jaar later nog condoleren met het verlies van een geliefde. Het Turks heeft daar een speciale zin voor. Mooi is dat. Het voorkomt dat je wat verder in de tijd &nbsp;gevraagd wordt of je het verdriet al een plaatsje hebt kunnen geven. Wat moet je daar in hemelsnaam op zeggen? Ook voor na een jaar kent het Turks zo&rsquo;n zin. Ook dan hoef je dus niet naar woorden te zoeken. Actrice Funda M&uuml;jde vertelde me dat en betuigde mij haar medeleven. In het Turks. Dat ontroerde me. Ik sprak haar op een bijeenkomst bij het tien jarig bestaan van het IKON-televisieprogramma Het Vermoeden van Annemiek Schrijver.&nbsp;</p>
<p>De redactie had drie mensen uitgenodigd die eerder in Het Vermoeden hadden gezeten en met wie sinds die tijd iets gebeurd was dat hun leven radicaal veranderde. Funda had een auto-ongeluk gekregen in Turkije en daar een dwarslaesie aan over gehouden. Ze zit in een rolstoel. &nbsp;Naar het zich laat aanzien voor de rest van haar leven. Ik was gevraagd in verband met de dood van mijn dochter Aartje, nu negen maanden geleden. De derde was Bright O. Richards, een vriendelijke man uit Liberia, die tijdens de burgeroorlog in dat land de gruwelijkste dingen heeft meegemaakt en nu hier een carri&egrave;re als theatermaker opbouwt. &rsquo;s Nachts, vertelde hij, komen de schimmen langs van vroeger. De zwarte schaduwen van dood en verderf. Ze jagen hem op. Toch kan hij niet zonder. Zonder zijn schaduwen is hij niet compleet. Ze gaan met hem mee de rest van zijn leven.&nbsp;</p>
<p>Voor Funda en mij was dat heel herkenbaar. Funda&rsquo;s vroegere onbekommerd gezonde leven blijft haar net zo bezig houden als de Liberiaanse verschrikkingen Bright bezighouden en Aartje&rsquo;s dood mij bezig houdt. Hoe zou het leven gegaan zijn, als dat ongeluk niet gebeurd was?, vraagt Funda zich dagelijks af. Zo gaat er geen dag voorbij of ik vraag me af hoe mijn leven eruit gezien had als Aartje geen hartaanval gehad had en alles was gebleven zoals het was.&nbsp;</p>
<p>Wat is gelijk gebleven? Wat veranderd? Alles? Daarover praatten we. De IKON had alle gasten van tien jaar Het Vermoeden uitgenodigd en wat mensen daar omheen. Bij elkaar een zaaltje vol. Voordat we aan bod kwamen, zagen we onszelf terug in onze eigen Vermoeden aflevering. Het mijne was van oktober 2008. Ik hoorde mezelf over de herfst van mijn leven, over de goede vruchten van dat jaargetijde. Over mijn eigen dood en het accepteren van de eindigheid van mijn leven. Ik had het programma nooit meer terug gezien. Een golf van melancholie sloeg over me heen. &lsquo;Ach&rsquo;, dacht ik, &lsquo;ach, zo was dat toen.&rsquo; Gelukkige tijd. Tijd dat alleen mijn eigen dood een probleem was. Niet leuk, natuurlijk. Maar onvermijdelijk en behorend bij het leven zoals een schuldaflossing hoort bij een schuld. Zo zag ik mijn dood. Als een afronding van het leven die mij ooit zou overkomen. Zoiets als een peer die valt als hij rijp is. Of als een allerlaatste penseelstreek van het schilderij. De dood komt. Dat is zeker. Maar voorlopig, hopelijk, nog niet. &nbsp;</p>
<p>Die afstandelijke opvatting van de dood is me hard uit handen geslagen. Ineens was de dood er. Niet als een onvermijdelijke &nbsp;afronding maar als een brute breuk. Hoe verder?</p>
<p>Lang geleden, eind jaren zestig van de vorige eeuw, las ik Sein und Zeit, het boek waarmee de Duitse filosoof Heidegger wereldberoemd werd. Het boek gaat over het menselijk bestaan &ndash; door Heidegger steevast als het Dasein aangeduid. Maar vooral ook over de dood.&nbsp;</p>
<p>De dood, schrijft Heidegger, moet je niet zien als iets dat weliswaar hoort bij je leven, maar verder niemand toebehoort. Nee, de dood hoort bij je bestaan. Of je nu drie bent, veertig of tachtig jaar, zodra een mens begint te leven, is hij oud genoeg om te sterven. De dood is zo intiem verweven met ieders bestaan, met mijn bestaan, dat de dood altijd mijn dood is.</p>
<p>Heidegger ziet het menselijk bestaan dynamisch. Als iets dat open is naar de toekomst. Waarin het er om gaat te worden wat je nog niet bent. Zo lang er leven is, is er een &lsquo;nog niet&rsquo;. Is alles nog mogelijk. Heideggers Dasein is &eacute;&eacute;n aaneenschakeling van mogelijkheden om niet meer te zijn wie je was en te worden wie je zou kunnen zijn. Gehuwd, of juist niet. Homoseksueel of heteroseksueel. Wel die nieuwe baan of liever de oude routine.&nbsp;</p>
<p>Iedere keus voor verandering vereist een beslissing. Stel je werkt al jaren in dezelfde baan. Je kent de routine. Iedereen kent jou. Je weet, zoals dat heet, hoe de hazen lopen. En dan, ineens, krijg je de mogelijkheid van baan veranderen. Wil je dat? Alles achterlaten? Alle onzekerheid die je je nog goed herinnert van toen je aan deze baan begon, nog eens meemaken? Over hoe je nu functioneert, ben je zeker. Maar hoe zal dat straks gaan? Ongewis maakt bang. Roept angst op. Kiezen voor een nieuwe baan heeft altijd iets van angst overwinnen. Angst voor een stap in het ongewisse. Kleine angst voor kleine stappen. Grote angst voor grote stappen. En daarachter de allergrootste angst. Angst met een hoofdletter. Angst voor het grote ongewisse. Angst voor de dood. Angst hoort bij het menselijk bestaan.</p>
<p>Bij een nieuwe baan, maar voor een nieuwe relatie geldt hetzelfde, om maar te zwijgen van wat er met je gebeurt als je vader wordt of moeder, laat je iets achter. Wie je vroeger was, ben je niet meer. Wie je zult worden, weet je nog niet. &nbsp;Daarom is voor iedere nieuwe stap moed nodig. Moed om achter te laten.&nbsp;</p>
<p>Toch is er, hoe groot de veranderingen ook zijn, altijd continu&iuml;teit. Als je je leven overziet, zie je dat. Je ziet hoe je veranderd bent, maar je bent ook jezelf gebleven. Al kost het nog moeite genoeg te zeggen waar die continu&iuml;teit in bestaat.&nbsp;</p>
<p>Maar bij de dood? Bij de dood neem je niets mee. De dood, zegt Heidegger, is louter en alleen wat je zou kunnen: je kunt sterven. Maar daarna is er niks meer. De band met vroeger is verbroken. De continu&iuml;teit is weg. De dood is de meest eigenlijke, nergens op betrokken, en daardoor volledig onbepaalde, niet te overtreffen mogelijkheid van het bestaan. Daarom is de dood mijn dood.&nbsp;</p>
<p>Heideggers Sein und Zeit verscheen voor het eerst in het voorjaar van 1927. De basis ervoor werd gelegd tijdens de colleges die hij in de jaren daarvoor had gegeven. Het waren de jaren van na de Eerste Wereldoorlog. Een oorlog die de wereld had veranderd en waarin een hele Europese generatie was weggevaagd. Rudiger Safranski beschrijft in zijn biografie hoe Heidegger in die eerste jaren na de oorlog stamelend college gaf. Stamelend zoekend naar nieuwe betekenis na alle zinloze verspilling van menselijk leven. &nbsp;</p>
<p>Die nieuwe betekenis van het leven vindt hij paradoxaal genoeg via de dood. Door te laten zien dat de dood, als mijn dood, ligt binnen mijn eigen mogelijkheden. Menselijk leven is zelf beschikken over je mogelijkheden, inclusief de mogelijkheid van de dood. Dat kan. Sterker nog: zo zit het menselijk bestaan in elkaar.</p>
<p>In de Eerste Wereldoorlog was die zelfbeschikking verloren gegaan. Massaal waren Heideggers (geb.1889) generatiegenoten de dood in gestuurd. Of het nu was door de Duitse Keizer of door generaals van de higher upper class. De dood overkwam hen. Zoals de dood vee overkomt in het abattoir. Als een onpersoonlijke gebeurtenis waar ze zelf part noch deel aan hadden. Heidegger noemt de wereld van die massale anonimiteit waarin massaal gestorven en geleefd wordt de wereld van Das Man, Het Men. In de wereld van Das Man wordt niet geleefd vanuit een nog niet. Alles is daar nu eenmaal zoals het is. Heidegger noemt het Verfallenheit. De dood komt er als een gebeurtenis die ons overkomt van buiten ons zelf. Heidegger zet die opvatting over de dood op zijn kop. Maakt de dood tot iets dat bij ons zelf hoort. Tot een mogelijkheid voor onszelf.&nbsp;</p>
<p>Mijn vrouw ruimt het huis op van onze dochter. Dat is loodzwaar. Ik heb er lang over nagedacht waarom dat zo zwaar is. Waarom ik het tot op dit ogenblik niet kan opbrengen haar te helpen. Door wat ze me vertelt over wat ze tegen komt, en door Heidegger, denk ik het te begrijpen. In het huis vinden we de wijze waarop zij haar mogelijkheden realiseerde. Hoe zij haar leven, haar bestaan inrichtte. Hoe ze haar angsten overwon en zichzelf staande hield.&nbsp;</p>
<p>In het normale bestaan spelen we rollen met elkaar. We vertellen elkaar maar een enkele keer, maar meestal niet, over onze angsten en wat wij doen om die de baas te blijven en als het moet te bezweren. Een gestorvene kan haar rol niet meer spelen en is daardoor weerloos. Haar leven ligt open. Wat komen geliefden je nabij als je ziet hoe ze werkelijk waren. In wat ze deden, in de wijze waarop ze hun huis inrichtten, in de wijze waarop ze zich kleedden. Je ziet hun zwaktes, hun angsten. Je ziet ook hoe ze die overwonnen en daardoor zie je hun kracht. Je ziet de peuterigheid en de grootsheid. Zo ontroerend. Je ziet wat je altijd al vermoedde: om wie ze was, om de wijze waarop ze leefde hebben we zo veel van haar gehouden. Het komt ineens tastbaar dichtbij en het verdriet om het gemis slaat als golven over je heen. Daarom is dat opruimen van een huis loodzwaar.&nbsp;</p>
<p>Bright Richards moet verder met de verschrikkingen van de burgeroorlog waar hij middenin zat. Funda M&uuml;jde moet verder na haar auto-ongeluk. Ik moet verder na de dood van Aartje. Ooit bepaalden we zelf wat de moeite waard was in het leven. Je keek naar je leven als een tuinman naar een goed onderhouden tuin. Betrokken maar op afstand. Die vrijblijvendheid is ons uit handen geslagen. Het dwarse is totaal onverwacht in onze levens gekomen en we moeten zelf beslissen hoe we dood, ongeluk, gruwelijkheden opnemen in ons bestaan. &nbsp;</p>
<p>Noodgedwongen moet ik achterlaten wie ik was, toen ik vier jaar terug, in 2008, in Het Vermoeden zo tevreden sprak over de herfst van mijn leven en mezelf al een hele Piet voelde dat ik mijn eigen sterven onder ogen durfde zien. Tenzij ik wil berusten in zinloosheid, moet ik opnieuw bepalen wie ik ben. Moet ik de dood als zinloze gebeurtenis omvormen tot een mogelijkheid voor mij zelf.&nbsp;</p>
<p>Merkwaardig genoeg weet ik nu meer van mijn dochter dan voordat zij stierf. Wat ik nu meer van haar weet, maakt mijn liefde voor haar alleen maar dieper. Ze is kwetsbaarder geworden en tegelijk sterker. Ik moet door het vergrote verdriet van deze diepere liefde heen om te kunnen leven met haar dood. Ik moet haar dood opnemen in mijn dood. Voor zover dat ooit mogelijk is.&nbsp;</p>
<p /></p>
<br />  <img alt="" border="0" src="http://stats.wordpress.com/b.gif?host=jangreven.nl&#038;blog=51121442&#038;post=165007522&#038;subd=jangreven&#038;ref=&#038;feed=1" width="1" height="1" />]]></content:encoded>
			<wfw:commentRss>http://jangreven.nl/2012/10/12/waarom-het-opruimen-van-een-huis-zo-moeilijk/feed/</wfw:commentRss>
		<slash:comments>0</slash:comments>
	
		<media:content url="http://1.gravatar.com/avatar/77c576667f56cf2d7d25f046364667f7?s=96&#38;d=identicon&#38;r=G" medium="image">
			<media:title type="html">basvangeenen</media:title>
		</media:content>

		<media:content url="http://jangreven.files.wordpress.com/2012/10/5faa1-vermoeden-scaled1000.jpg?w=300" medium="image">
			<media:title type="html">Vermoeden</media:title>
		</media:content>
	</item>
	</channel>
</rss>
